Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
in of omstreeks de periode van 24 juli 2025 tot en met 25 juli 2025 te Heeswijk-Dinther en/of Den Dungen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
- [aangever] ,
- [aangeefster] , en/of
heeft/hebben bewogen tot
- de afgifte van enig goed, te weten (een) bankpas(sen), creditkaart(en), een randomreader en/of sieraden (met een waarde van ongeveer €40.000,-), en/of
- het ter beschikking stellen van gegevens, te weten pincodes en/of inlogcodes, door
- bovengenoemde perso(o)n(en) te bellen en zich voor te doen als medewerker van een bank, en/of
- bovengenoemde perso(o)n(en) te bellen en zich voor te doen als politieagent, en/of
- hen mede te delen dat er fraude en/of verdachte en/of opvallende transacties hebben plaatsgevonden op hun bankrekening(en), en/of
- hen te vragen naar de in huis aanwezige sieraden, en/of
- hen te vragen naar de pincodes en/of inlogcodes van de bankpassen en/of creditkaarten, en/of
- langs de woning van bovengenoemde perso(o)n(en) te komen, en/of
- de bankpas(sen) en creditkaart(en) en/of sieraden mee te nemen;
hij, in of omstreeks de periode van 24 juli 2025 tot en met 25 juli 2025 te Berlicum, Den Dungen, Bussum en/of 's-Gravenhage, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
- een geldbedrag van €3.402,90,- dat geheel of ten dele aan [aangever] toebehoorde , en/of
- een geldbedrag van €6.600,-, dat geheel of ten dele aan [aangeefster] ,
in elk geval enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) die weg te nemen goederen onder hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door met de bankpassen en/of credit card van bovengenoemde personen contant geld op te nemen en/of de beveiligingscodes van deze kaarten (onbevoegd) te gebruiken;
hij op of omstreeks 29 oktober 2025 te Amsterdam al dan niet opzettelijk een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, te weten 99,8 gram (netto) cocaine, zijnde cocaïne, aanwezig/voorhanden heeft gehad.
3.De bewijsbeslissing
bijlage Iopgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.
- [aangever]
en- [aangeefster]
hebben bewogen tot
- de afgifte van enig goed, te weten bankpassen,
een creditcard, randomreader
sen sieraden met een waarde van ongeveer € 40.000,- en
- het ter beschikking stellen van gegevens, te weten inlogcodes door
- bovengenoemde personen te bellen en zich voor te doen als medewerker van een bank en
- bovengenoemde persoon
(die [aangeefster] )te bellen en zich voor te doen als politieagent en
- hen mede te delen dat er verdachte transacties hebben plaatsgevonden op hun bankrekeningen en
- hen te vragen naar de in huis aanwezige sieraden en
- hen te vragen naar de inlogcodes van de bankpassen en/of
een creditcarden
- langs de woning van bovengenoemde personen te komen en
- de bankpassen en
een creditcarden sieraden mee te nemen;
hij in de periode van 24 juli 2025 tot en met 25 juli 2025 te Berlicum
enDen Dungen, tezamen en in vereniging met anderen,
- een geldbedrag van € 3.402,90, dat aan [aangever] toebehoorde, en
- een geldbedrag van € 6.600,-, dat aan [aangeefster]
toebehoorde,
heeft weggenomen met het oogmerk om
diezich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door met de bankpassen en/of
creditcardvan bovengenoemde personen contant geld op te nemen;
hij omstreeks 29 oktober 2025 te Amsterdam opzettelijk
99,8 gram (netto) cocaïne, zijnde cocaïneeen middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, aanwezig heeft gehad.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
7.De inbeslaggenomen voorwerpen
bijlage IIaan dit vonnis is gehecht) onder 1 genoemde voorwerp, te weten een Apple iPhone Zwart, zal worden teruggegeven aan de verdachte.
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
365 (DRIEHONDERDVIJFENZESTIG) DAGEN;
195 (HONDERDVIJFENNEGENTIG) DAGEN,
niet zal worden tenuitvoergelegdonder de algemene voorwaarde dat de verdachte zich voor het einde van de hierbij op
drie jarenvastgestelde
proeftijdniet schuldig maakt aan een strafbaar feit;