ECLI:NL:RBDHA:2026:19805
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.R. van der Winkel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vrijheidsontnemende maatregel grensdetentie en afwijzing schadevergoeding
Eiser is geconfronteerd met een vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) in het kader van grensdetentie. Hij betwist de rechtmatigheid van deze maatregel en vordert tevens een schadevergoeding. De rechtbank beoordeelt de geldigheid van de maatregel en de gronden van eiser.
Eiser stelt dat het ontbreken van een fysieke handtekening op de formulieren M18A, M19B en M101 de maatregel onrechtmatig maakt. Daarnaast voert hij aan dat zijn gezondheidstoestand, waaronder een hernia en vocht in de knie, en de koude nacht op de luchthaven de vrijheidsontneming onevenredig bezwarend maken. De rechtbank oordeelt dat de digitale handtekening geldig en verifieerbaar is en dat de medische omstandigheden door de minister zijn betrokken zonder dat blijkt dat de maatregel daardoor onrechtmatig is.
De rechtbank concludeert dat de vrijheidsontnemende maatregel voldoet aan de wettelijke voorwaarden en dat er geen bijzondere individuele omstandigheden zijn die vrijheidsontneming onevenredig bezwarend maken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.