Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 31 juli 2024. Op 29 april 2026 heeft de minister de aanvraag alsnog ingewilligd, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen zijn doel heeft verloren. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang.
De rechtbank overweegt dat ook bij niet-ontvankelijkheid een proceskostenveroordeling mogelijk is, zeker wanneer het bestuursorgaan alsnog aan het verzoek tegemoetkomt. Daarom veroordeelt de rechtbank de minister tot vergoeding van de door eiser gemaakte proceskosten, vastgesteld op €467,-, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De rechtbank benadrukt dat de beslistermijn voor asielaanvragen zes maanden bedraagt en dat de verlenging van negen maanden door de minister onvoldoende is gemotiveerd. Tevens wordt ingegaan op de rechtsgrondslagen omtrent ingebrekestelling en dwangsommen, waarbij de rechtbank aangeeft dat bij overschrijding van de door haar vastgestelde termijn een rechterlijke dwangsom kan worden opgelegd.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en bevat tevens informatie over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang en de minister wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.