Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Ambtshalve toets
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op 3 juli 2026. De maatregel is gebaseerd op artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000 en is gericht op het vaststellen van de identiteit en nationaliteit van eiser en het verkrijgen van gegevens voor de beoordeling van zijn asielaanvraag.
Eiser voerde aan dat het gehoor voorafgaand aan de bewaring niet zorgvuldig was en dat hij onvoldoende was geïnformeerd over zijn mogelijkheid om bijzondere persoonlijke omstandigheden aan te voeren. De rechtbank oordeelde echter dat het gehoor zorgvuldig was en dat eiser voldoende gelegenheid had gekregen om zijn belangen te presenteren.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet beschikte over geldige identificatiedocumenten en zich aan toezicht had onttrokken, wat een risico op onderduiken oplevert. De gronden voor de bewaring zijn volgens de rechtbank juist en voldoende gemotiveerd. Minder dwingende maatregelen waren niet toereikend om het onderduikrisico te mitigeren.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. Tevens werd eiser geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.