Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser stelde op 20 maart 2025 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag nareis asiel van 2 juni 2022. Bij besluit van 29 januari 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie de aanvraag alsnog ingewilligd. Hierdoor ontbreekt het procesbelang voor het beroep, dat daarom niet-ontvankelijk wordt verklaard.
De rechtbank heeft het verzoek van eiser om vrijstelling van griffierecht wegens betalingsonmacht definitief toegewezen. Ondanks de niet-ontvankelijkheid van het beroep veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de door eiser gemaakte proceskosten, omdat verweerder alsnog aan het verzoek heeft voldaan.
De rechtbank overweegt dat de beslistermijn voor dergelijke aanvragen zes maanden bedraagt en dat de verlenging met negen maanden onvoldoende is gemotiveerd. Tevens wordt ingegaan op de toepasselijkheid van de Tijdelijke wet opschorting dwangsommen IND en de rechterlijke dwangsom bij overschrijding van de door de rechtbank gestelde termijn.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en bevat tevens informatie over de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na intrekking van de aanvraag, met veroordeling van verweerder in de proceskosten.