Uitspraak
1.De procedure
- het mondelinge verweer tijdens de rolzitting van 17 maart 2026
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
Rechtbank Den Haag
Alektum Capital AG vordert betaling van het resterende bedrag van een bestelling bij Zalando, waarvan de vordering is gecedeerd aan Alektum. Gedaagde betwist de overeenkomst te hebben gesloten en stelt dat een huisgenote de bestelling heeft geplaatst.
De kantonrechter toetst ambtshalve de informatieverplichtingen en algemene voorwaarden, maar dit leidt niet tot afwijzing van de vordering. De kernvraag is echter of gedaagde de bestelling heeft geplaatst.
Alektum baseert haar vordering op het gebruik van een e-mailadres met de naam van gedaagde en het adres op de factuur dat overeenkomt met het adres van gedaagde. Gedaagde ontkent het e-mailadres te gebruiken en wijst op de huisgenote als besteller. Ook is onduidelijk van welk rekeningnummer de betaling is gedaan.
De kantonrechter oordeelt dat Alektum onvoldoende heeft onderbouwd dat gedaagde de overeenkomst is aangegaan en wijst daarom de vordering af. Alektum wordt veroordeeld in de proceskosten van € 50.
Uitkomst: De vordering tot betaling wordt afgewezen omdat niet is vastgesteld dat gedaagde de bestelling heeft geplaatst.