ECLI:NL:RBDHA:2026:17846
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.P.C. van Essen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslag zieke werknemer wegens ontbreken toestemming UWV
De werknemer is sinds maart 2021 in dienst bij de werkgever en is al meer dan 104 weken ziek gemeld. Het UWV heeft op 24 oktober 2024 een loonsanctie opgelegd aan de werkgever wegens onvoldoende re-integratie. Desondanks heeft de werkgever op 4 december 2025 het dienstverband per 1 december 2025 beëindigd zonder toestemming van het UWV.
De werknemer verzoekt vernietiging van de opzegging en subsidiair toekenning van transitie- en billijke vergoeding. De werkgever voert aan dat financiële problemen de re-integratie hebben bemoeilijkt. De kantonrechter oordeelt dat op grond van artikel 7:670 lid 1 sub a en Pro lid 11 sub c BW en artikel 7:671a lid 1 BW het ontslag niet rechtsgeldig is zonder toestemming UWV en bij een lopende loonsanctie.
De opzegging wordt vernietigd en de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en wettelijke rente. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De opzegging van de arbeidsovereenkomst wordt vernietigd wegens ontbreken van toestemming UWV en lopende loonsanctie.