Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Country Guidance Syriavan EUAA, een rapport van UK Home Office van juli 2025 en een niet nader gespecificeerde of gedateerde bron van ‘fluechtelingshilfe.ch’. Verweerder heeft zich ten slotte ter zitting op het standpunt gesteld dat de individuele omstandigheden van eiser geen risico verhogende factoren zijn en dat eiser niet heeft kunnen motiveren dat daar wél sprake van zou zijn.
- In de eerste situatie worden de humanitaire omstandigheden niet veroorzaakt door doelbewust handelen of nalaten van een overheid of niet-overheidsactor.
- In de tweede situatie worden de humanitaire omstandigheden wel veroorzaakt door doelbewust handelen of nalaten van een overheid of niet-overheidsactor.
In de eerste situatie geldt een zwaardere toets dan in de tweede situatie en ligt de lat voor het aannemen van een reëel risico op een schending van artikel 3 van Pro het EVRM hoger.
"very exceptional circumstances where the humanitarian grounds against removal are compelling". Volgens verweerder heeft eiser geen individuele omstandigheden aangevoerd waarmee de hoge lat wordt gehaald. In het verweerschrift heeft verweerder er verder op gewezen dat het EHRM in september 2025 een getroffen voorlopige voorziening ten aanzien van een Syrische man niet heeft verlengd. [13]
ability to cater for his most basic needs, such as food, hygiene and shelter, his vulnerability to ill-treatment and the prospect of his situation improving within a reasonable time-frame.’ [14] Verweerder heeft, in het kader van artikel 3 van Pro het EVRM, niet gemotiveerd dat de humanitaire crisis niet in overwegende mate veroorzaakt is door de strijdende partijen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep met zaaknummer NL26.2579, voor zover het is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit, niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep met zaaknummer NL26.2579, voor zover het is gericht tegen het bestreden besluit, gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 3 februari 2026;
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak;
- verklaart het beroep met zaaknummer NL26.7253 niet-ontvankelijk;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van