ECLI:NL:RBDHA:2026:17830
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.C.E. Spierings
- Rechtspraak.nl
Tussenvonnis over beroep op dwaling bij geneeskundige behandelovereenkomst
Het geschil betreft een vordering van het Ziekenhuis tot betaling van medische behandelingskosten door de gedaagde partij, die na een val van een ladder in het ziekenhuis is behandeld. De gedaagde stelt dat hij bij de ambulance en in het ziekenhuis is geïnformeerd over fondsen voor daklozen zonder zorgverzekering, waardoor hij aannam dat de kosten vergoed zouden worden en hij instemde met de behandeling.
De kantonrechter oordeelt dat er sprake kan zijn van dwaling bij het sluiten van de geneeskundige behandelovereenkomst, omdat de gedaagde bij een juiste voorstelling van zaken mogelijk niet had ingestemd met de behandeling. Het ziekenhuis betwist de mededelingen, maar heeft nog niet inhoudelijk gereageerd op het dwalingsverweer.
Daarom wordt het ziekenhuis in de gelegenheid gesteld om schriftelijk te reageren op het dwalingsverweer, waarna de gedaagde hierop kan antwoorden. De verdere beslissing wordt aangehouden totdat deze stukken zijn ingediend.
Uitkomst: De kantonrechter houdt de beslissing aan en geeft het ziekenhuis en de gedaagde gelegenheid om schriftelijk te reageren op het dwalingsverweer.