ECLI:NL:RBDHA:2026:17812
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublin-verantwoordelijkheid
De minister van Asiel en Migratie heeft op 12 maart 2026 de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan op grond van de Dublin-verordening.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek en het beroep op zitting behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde aanwezig waren, maar de gemachtigde van de minister niet.
De voorzieningenrechter heeft het onderzoek gesloten en geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet meer nodig is omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter H. Hanssen - Telman en openbaar gemaakt op 1 juli 2026. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep.