ECLI:NL:RBDHA:2026:17745
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Y.J. Wijnnobel-Van Erp
- P.C. Goilo-Kam
- J.E. van Essen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging tot moord en medeplichtigheid
Op 19 mei 2025 werd een vijftienjarige slachtoffer nabij zijn school in Rijswijk meerdere malen in de rug gestoken. Verdachte wordt verweten als bestuurder van een auto betrokken te zijn geweest bij het vervoer van de dader naar en van de plaats delict en hem te hebben geholpen vluchten.
De officier van justitie vorderde vrijspraak voor medeplegen en bewezenverklaring van medeplichtigheid, met een gevangenisstraf van acht jaar. De verdediging betoogde dat verdachte niet wist van het geweld en geen opzet had.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs bestaat dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat een poging tot moord zou worden gepleegd. De verklaringen, camerabeelden en gesprekken boden geen overtuigend bewijs van dubbele opzet. Verdachte werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in zijn schadevordering vanwege de vrijspraak. De rechtbank gelastte bewaring van de in beslag genomen auto, die op naam van een derde stond.
De voorlopige hechtenis werd opgeheven en de benadeelde partij werd veroordeeld in de kosten van de verdediging van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor dubbele opzet bij poging tot moord en medeplichtigheid.