ECLI:NL:RBDHA:2026:17726
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak Dublinprocedure
De minister van Asiel en Migratie heeft op 24 maart 2026 de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Bulgarije volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen, omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het beroep.