ECLI:NL:RBDHA:2026:17624
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet betalen griffierecht bij aanvraag machtiging voorlopig verblijf
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging nareis asiel. De rechtbank heeft echter vastgesteld dat eiseres het vereiste griffierecht van € 200,- niet heeft betaald, ondanks een aangetekende nota die op 14 april 2026 door eiseres is ontvangen.
Volgens artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet het griffierecht worden voldaan om het beroep inhoudelijk te kunnen behandelen. Omdat eiseres geen geldige reden heeft gegeven voor het niet betalen, is de rechtbank niet bevoegd het beroep te behandelen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:54, eerste lid, Awb. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter R.J.A. Schaaf en griffier M.H.G.P. Tober op 26 mei 2026.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht.