ECLI:NL:RBDHA:2026:17535
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken gronden bij Dublinbesluit asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen omdat Bulgarije verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening. Het beroepschrift werd ingediend door een advocaat die zich later aan de zaak onttrok. Eiser kreeg de gelegenheid een nieuwe advocaat te nemen, maar deed dit niet.
De rechtbank stelde eiser in de gelegenheid om binnen vijf werkdagen de gronden van het beroep in te dienen, maar deze werden niet aangeleverd. Gezien eerdere correspondentie met de rechtbank achtte de rechtbank het verzuim niet verschoonbaar en verklaarde het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
De rechtbank beoordeelde vervolgens op grond van het Bahaddar-arrest of bijzondere omstandigheden bestonden die overdracht aan Bulgarije zouden verbieden wegens schending van artikel 3 EVRM Pro. Dit bleek niet het geval. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het beroep werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het Dublinbesluit wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van gronden en geen bijzondere omstandigheden die overdracht aan Bulgarije verbieden.