Uitspraak
[verzoeker] , verzoeker
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Inleiding
21 januari 2026 meegedeeld dat hij zich verzet tegen een proceskostenveroordeling en heeft verwezen naar zijn motivering daarover in het verweerschrift van 9 januari 2026.
Beoordeling door de rechtbank
25 april 2025, is het terugkeerbesluit, het inreisverbod en het besluit tot signalering opgeheven. Aanleiding daarvoor was dat de Spaanse autoriteiten akkoord zijn gegaan met het verzoek van de Nederlandse autoriteiten om verzoeker over te nemen op grond van artikel 12, eerste lid, van de Dublinverordening. Verzoeker is op 19 mei 2025 overgedragen aan Spanje.
22 januari 2028. In het asielbesluit staat verder dat Nederland daarom de Spaanse autoriteiten heeft verzocht om verzoeker over te nemen, waar de Spaanse autoriteiten (wederom) mee akkoord gegaan zijn op 14 april 2025.
€ 337,68 aan reiskosten voor bezoeken aan verzoeker en een bedrag van € 117,50 aan kosten voor overnachtingen. De rechtbank ziet geen aanleiding om verweerder op te dragen deze kosten te vergoeden. Dit zijn namelijk geen kosten die op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen, omdat het geen reiskosten voor een reis naar de zitting zijn en het ook geen verletkosten zijn.
Beslissing
mr.I.G.A. Karregat, griffier.