Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser
Overwegingen
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser bezwaar maakte tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag door de minister van Asiel en Migratie. De rechtbank constateerde dat de beslistermijn, zoals bedoeld in artikel 31 van Pro de Procedurerichtlijn en artikel 42 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, was overschreden. De minister had de beslistermijn verlengd op grond van WBV 2023/3, maar deze verlenging was onvoldoende gemotiveerd en daarmee niet rechtsgeldig.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit dat gelijkgesteld kon worden aan het niet tijdig nemen van een besluit en droeg de minister op binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens legde de rechtbank een rechterlijke dwangsom op van € 50 per dag met een maximum van € 15.000 voor elke dag dat de minister de termijn overschrijdt.
Daarnaast wees de rechtbank proceskosten toe aan eiser ter hoogte van € 467, gebaseerd op de vergoeding voor rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie. De rechtbank benadrukte dat bij overschrijding van de beslistermijn een rechterlijke dwangsom kan worden opgelegd, ook als de bestuurlijke dwangsom is afgeschaft in asielzaken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het niet tijdig genomen besluit wordt vernietigd en de minister wordt opgedragen binnen twee weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.