Eiser heeft op 24 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 26 oktober 2023. Op 15 mei 2026 heeft de minister van Asiel en Migratie alsnog een besluit genomen op deze aanvraag. Hierdoor is het procesbelang van eiser in het beroep tegen het niet tijdig beslissen komen te vervallen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. Ondanks deze niet-ontvankelijkheid veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiser, omdat de minister alsnog aan het verzoek van eiser heeft voldaan door een besluit te nemen.
De proceskostenvergoeding wordt vastgesteld op € 467, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij een lichte wegingsfactor wordt toegepast omdat het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig nemen van een besluit. De uitspraak is gedaan door rechter W.H. Bel op 18 juni 2026 zonder zitting.