Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:16639

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
8 juni 2026
Publicatiedatum
19 juni 2026
Zaaknummer
NL25.43019
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit minister

Verzoeker heeft op 28 juli 2025 een terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie ontvangen en hiertegen beroep ingesteld. Tegelijkertijd verzocht hij om een voorlopige voorziening om het terugkeerbesluit tijdelijk te schorsen.

De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening op 28 mei 2026, samen met de behandeling van het hoofdberoep. Partijen waren afwezig bij de zitting.

Op 8 juni 2026 wees de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af, omdat de rechtbank op die dag uitspraak deed in het hoofdberoep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M.E.A. Braeken en griffier M.M. Tank, en is in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het terugkeerbesluit is afgewezen omdat het beroep reeds is behandeld.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.43019

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker

(gemachtigde: mr. M.A.C. de Vilder-van Overmeire),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister

(gemachtigde: mr. W. van Hoof).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker nadat de minister hem een terugkeerbesluit heeft opgelegd. Verzoeker is het hiermee niet eens. Hij verzoekt daarom om een voorlopige voorziening en voert daartoe een aantal gronden aan. Verzoeker heeft tegen het terugkeerbesluit ook beroep ingesteld.
1.1.
De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Verzoeker heeft op 28 juli 2025 een terugkeerbesluit van de minister gekregen. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
2.1.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van de NL24.19478, op 28 mei 2026 op zitting behandeld. Partijen hebben zich afgemeld voor de zitting.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.19478, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3.1.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.E.A. Braeken, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M. Tank, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
8 juni 2026
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.