ECLI:NL:RBDHA:2026:16517

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 mei 2026
Publicatiedatum
19 juni 2026
Zaaknummer
C/09/693645 / FA RK 25-8094
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArt. 1:25c Burgerlijk WetboekArt. 10:20 Burgerlijk Wetboek
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling geboortegegevens verzoekster met Nederlandse nationaliteit geboren in het buitenland

Verzoekster, met de Nederlandse nationaliteit en woonachtig in het Verenigd Koninkrijk, heeft de rechtbank verzocht haar geboortegegevens vast te stellen omdat er geen geboorteakte van haar is geregistreerd in Nederland of betrouwbaar beschikbaar is uit haar geboorteland.

De rechtbank heeft geoordeeld dat zij bevoegd is op grond van artikel 3 onder Pro c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en dat Nederlands recht van toepassing is volgens artikel 10:20 BW Pro. Verzoekster voldoet aan de voorwaarden van artikel 1:25c BW omdat zij geen geboorteakte kan overleggen en deze ook niet kan verkrijgen.

De ambtenaar van de burgerlijke stand heeft geen bezwaar tegen de vaststelling van de geboortegegevens zoals verzocht. De rechtbank heeft vastgesteld dat de gegevens voldoende aannemelijk zijn gemaakt en wijst het verzoek toe, waarbij de natuurlijke naamgeving volgens het Somalisch namenrecht wordt gehanteerd. Oudergegevens worden niet vastgesteld wegens gebrek aan aanwijzingen.

De beschikking is uitgesproken op 19 mei 2026 door rechter C. Witteman en griffier M.G. Coopmans-Veraa.

Uitkomst: De rechtbank stelt de geboortegegevens van verzoekster vast voor opname in de Nederlandse burgerlijke stand.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-8094
Zaaknummer: C/09/693645
Datum beschikking: 19 mei 2026

Vaststellen geboortegegevens

Beschikking op het op 21 oktober 2025 ingekomen verzoekschrift van:

[verzoekster] ,

verzoekster,
volgens de Basisregistratie personen geregistreerd als geëmigreerd (RNI) naar
het Verenigd Koninkrijk,
advocaat: mr. C.A.E.C.J.M. Hooft te Gilze.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,

zetelend te ’s-Gravenhage,
hierna te noemen: de ambtenaar.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- de brief van 2 maart 2026 van de ambtenaar;
- het bericht van 11 maart 2026 namens verzoekster.
De rechtbank heeft de behandeling van de zaak zonder zitting afgedaan.

Feiten

-Verzoekster is vanuit [land] naar Nederland gevlucht en heeft eind 1992 asiel
aangevraagd.
- Verzoekster is bij Koninklijk Besluit van 13 maart 1998, nummer [nummer] ,
genaturaliseerd, met bepaling dat de geslachtsnaam wordt vastgesteld als
“ [geslachtsnaam] ” en de voornaam als “ [voornaam] ”.
- Van verzoekster is geen geboorteakte geregistreerd in de registers van de
burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage.

Verzoek

Het verzoek strekt ertoe dat de rechtbank de voor het opmaken van de geboorteakte van verzoekster noodzakelijke gegevens als volgt zal vaststellen:
Naam: [verzoekster]
Geboortedatum: [geboortedatum] 1969
Geboorteplaats: [geboorteplaats] ( [land] )
Geslacht: V (vrouwelijk)
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De ambtenaar heeft geen bezwaar tegen vaststelling van de verzochte geboortegegevens.

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat verzoekster de Nederlandse nationaliteit heeft, is de rechtbank van oordeel dat deze zaak voldoende met de rechtssfeer van Nederland is verbonden, zodat de Nederlandse rechter op grond van artikel 3, onder c, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering rechtsmacht toekomt.
De rechtbank Den Haag is bevoegd om van het verzoek kennis te nemen. Vaststelling van de geboortegegevens dient immers op grond van artikel 1:25c Burgerlijk Wetboek (BW) plaats te vinden in de registers van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage.
Op grond van artikel 10:20 BW Pro is Nederlands recht op het verzoek van toepassing.
Ontvankelijkheid
Op grond van artikel 1:25c BW kan de rechtbank van een buiten Nederland geboren persoon op verzoek de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, onder meer indien deze persoon de Nederlandse nationaliteit heeft. Dit kan als er geen akte van geboorte is opgemaakt overeenkomstig de plaatselijke voorschriften of als deze niet kan worden overgelegd.
Verzoekster heeft de Nederlandse nationaliteit, zodat zij kan worden ontvangen in haar verzoek.
Inhoudelijke beoordeling
De rechtbank is gebleken dat geen geboorteakte van verzoekster is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van ’s-Gravenhage en onder de overgelegde stukken bevindt zich ook geen geboorteakte van verzoekster. Verzoekster stelt op het moment van binnenkomst in Nederland niet over een Somalische geboorteakte te beschikken. De ambtenaar heeft in reactie op het verzoek opgemerkt dat documenten uit [land] in Nederland niet worden erkend, omdat –voor zover er al een administratie in [land] is– de waarde en betrouwbaarheid nihil is. Het is daarom niet mogelijk betrouwbare brondocumenten uit [land] te krijgen. Mede gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat verzoekster voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij niet beschikt over een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akte van geboorte en deze ook niet kan verkrijgen. Daarom moeten de geboortegegevens worden vastgesteld zoals bedoeld in artikel 1:25c BW.
De ambtenaar heeft geen bezwaar tegen vaststelling van de gegevens zoals zijn verzocht.
Daarbij heeft de ambtenaar aangegeven dat “ [verzoekster] ” als oorspronkelijke namen van verzoekster zijn vastgelegd en dat deze vaststelling overeenkomstig het Somalisch namenrecht is, waarin geen onderscheid wordt gemaakt tussen voor- en geslachtsnaam.
De rechtbank is van oordeel dat uit de inhoud van de in het geding gebrachte stukken voldoende aanwijzingen zijn verkregen over de omstandigheden waaronder en de datum waarop de geboorte van verzoekster moet hebben plaatsgehad. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen, waaronder de verzochte namenreeks zoals in [land] gebruikelijk is. Door middel van een latere vermelding van de naturalisatie en naamsvaststelling zal uit haar geboorteakte blijken dat verzoekster vanaf de datum van de naturalisatie de in het besluit genoemde geslachtsnaam ( [geslachtsnaam] ) en voornaam ( [voornaam] ) heeft. Hierbij wordt opgemerkt dat de bij het besluit van naturalisatie vastgestelde voor- en geslachtsnaam van verzoekster als latere vermelding aan de geboorteakte worden toegevoegd.
De rechtbank zal geen oudergegevens vaststellen, omdat daarvoor niet voldoende aanwijzingen zijn verkregen.
Gelet op het voorgaande zal de rechtbank beslissen zoals hierna is vermeld.

Beslissing

De rechtbank:
stelt de volgende voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vast:
naam : [verzoekster]
Voornamen : -
Geboorteplaats : [geboorteplaats] , [land]
Geboortedatum : [geboortedatum] -1969
Geslacht : vrouwelijk
Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, rechter, bijgestaan door mr. M.G. Coopmans-Veraa als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 mei 2026.