ECLI:NL:RBDHA:2026:16007

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 mei 2026
Publicatiedatum
13 juni 2026
Zaaknummer
C/09/704460 / FA RK 26-4398
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening aansluitende zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

De rechtbank Den Haag heeft op 13 mei 2026 een aansluitende zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1993, die lijdt aan schizofrenie en polymiddelengebruik. Betrokkene verblijft momenteel in een zorginstelling en werkt actief aan zijn herstel, maar kent nog terugvalmomenten die gepaard kunnen gaan met agressie. De zorgmachtiging is bedoeld om verdere abstinentie te ondersteunen en een geleidelijke terugkeer naar zelfstandigheid mogelijk te maken.

De rechtbank baseert haar beslissing op een medisch dossier, waaronder een medische verklaring, zorgkaart, zorgplan en adviezen van de geneesheer-directeur. Betrokkene is gemotiveerd en erkent dat verplichte zorg hem kan helpen zijn doelen te bereiken. De rechtbank acht de voorgestelde vormen van zorg noodzakelijk, evenredig en effectief, en ziet geen minder bezwarende alternatieven.

De machtiging omvat onder meer het toedienen van medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen, toezicht, insluiting en beperkingen in communicatie en bezoek. De machtiging geldt tot en met 13 mei 2027. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een aansluitende zorgmachtiging tot en met 13 mei 2027 voor verplichte zorg aan betrokkene.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/704460 / FA RK 26-4398
Datum beschikking: 13 mei 2026

Aansluitende machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikkingnaar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een aansluitende zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1993 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie [zorginstelling 1] , [plaats] ,
advocaat: mr. H. Gailjaard te Den Haag.

ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 1 mei 2026, heeft de officier van justitie verzocht om een aansluitende zorgmachtiging.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een op 23 april 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een zorgkaart van 23 april 2026;
- een zorgplan van 23 april 2026;
- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 1 mei 2026;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 13 mei 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- de psychiater, [naam 2] .
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.

Standpunten ter zitting

Door en namens betrokkene is ter zitting naar voren gebracht dat een zorgmachtiging helpend kan zijn om zijn doelen en wensen te realiseren en een terugval in middelengebruik te voorkomen. In zijn voormalige woonvorm [zorginstelling 2] gebruikte betrokkene dagelijks harddrugs waarna hij actie is gaan ondernemen om hier vanaf te komen. Na een detox van drie weken aan de [kliniek] , is hij opgenomen op de afdeling Duurzaam Verblijf Verslaafden waar hij acht maanden verbleef alvorens hij in de huidige accommodatie terecht kwam. Betrokkene werkt intensief aan zijn herstel door middel van het volgen van een dagstructuur, deelname aan dagbesteding en een herstelgroep en hij krijgt veel hulp van professionals. Eén á tweemaal per maand heeft betrokkene nog een kortdurende terugval waardoor er ook veel aandacht wordt besteed aan terugvalpreventie. Betrokkene wil op den duur op een open afdeling op het terrein gaan wonen.
De psychiater geeft betrokkene een compliment en brengt naar voren dat de momenten van terugval steeds minder worden. Als betrokkene een terugval heeft, kan betrokkene agressief zijn waardoor alle gevraagde vormen van verplichte zorg voorzienbaar zijn. Omdat het zo goed gaat met betrokkene, is dit mogelijk de laatste zorgmachtiging die nodig zal zijn.

Beoordeling

Op 4 juni 2025 is door de rechtbank een zorgmachtiging verleend voor de duur van twaalf maanden tot en met 4 juni 2026.
Uit de overgelegde stukken is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofrenie en polymiddelengebruik.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:
-ernstig lichamelijk letsel;
-ernstige materiële schade;
-ernstige immateriële schade;
-ernstige financiële schade;
-ernstige verwaarlozing;
-de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
-de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Betrokkene is bekend met herhaalde psychotische episoden voortvloeiende uit hardnekkige verslavingen aan verschillende middelen (waaronder base cocaïne) gepaard gaande met zelfverwaarlozing en agressieve geweldsdelicten. Betrokkene wil dat de zorgmachtiging wordt verlengd om verdere abstinentie te ondersteunen en een geleidelijke terugkeer naar zelfstandigheid in de maatschappij te realiseren.
Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
Op dit moment is er sprake van een stabiel doch kwetsbaar psychiatrisch evenwicht bij abstinentie van middelen. Tijdens de opname op het LIB heeft betrokkene bij regelmaat een terugval in het gebruik van middelen waarbij het risico ontstaat op psychotische episoden. Betrokkene heeft ter zitting goed gemotiveerd waarom een zorgmachtiging voor hem helpend kan zijn. Hij is sterk gemotiveerd en zet zich maximaal in voor zijn herstel. Mede op verzoek van betrokkene, acht de rechtbank een aansluitende zorgmachtiging noodzakelijk zodat er snel ingegrepen kan worden wanneer dit noodzakelijk is. Daardoor zal een terugval dan kortdurend kunnen zijn door adequaat ingrijpen van de zorgverleners, waardoor ernstig nadeel kan worden afgewend.
De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.
Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.

Beslissing

De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1993 te [geboorteplaats] ,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 mei 2027.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.C. van den Dries, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 13 mei 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 3 juni 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.