Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
off the recordals
on the record) die ambtenaren van het ministerie van SZW hebben gevoerd met een journalist van Het Parool en andere journalisten of personen over de onderzoeken naar Saints & Stars,
off the recordals
on the record) die ambtenaren van het Ministerie hebben gevoerd met een journalist van Het Parool en andere journalisten of personen over de onderzoeken naar Saints & Stars, zodat Saints & Stars in de gelegenheid zal zijn gesteld de hiervoor bedoelde zienswijzen in te dienen;
on the recorden
off the record-gesprekken zoals die blijken uit de wel verstrekte bescheiden. Als gevolg hiervan komen het recht van Saints & Stars op deugdelijke verdediging en daarmee ook de
equality of armsdirect in gedrang. De ontbrekende informatie kan immers niet betrokken worden bij de besluitvorming. Stars & Saints heeft er gelet op de uiterste datum voor indiening van de aanvullende zienswijze dan ook alle belang bij dat zo snel mogelijk voorlopige voorzieningen worden getroffen.
the trial by mediaals gevolg van de artikelen in Het Parool, rechtvaardigen volgens Saints & Stars dat de Staat wordt verboden om (verdere) mededelingen te doen over het onderzoek naar Saints & Stars.
4.De beoordeling van het geschil
beslissingop het Woo-verzoek. Dat veronderstelt dat eerst wordt getoetst of en in hoeverre de gevraagde bescheiden op grond van de Woo kunnen worden verstrekt. In dat kader is van belang dat in hoofdstuk 5 van de Woo verschillende uitzonderingsgronden zijn opgenomen die aan openbaarmaking van bepaalde informatie in de weg staan. Saints & Stars mocht redelijkerwijs niet ervan uitgaan dat de Staat de gehele Woo-toetsing aan de uitzonderingsgronden liet varen. Daarvoor bestaan onvoldoende aanknopingspunten. De door Saints & Stars geschetste gang van zaken tijdens de mondelinge behandeling van 23 maart 2026 werpt hierop geen ander licht. Uit het enkele antwoord van de behandelaar van het Woo-verzoek op een daartoe strekkende vraag van de voorzieningenrechter dat er ongeveer 100 documenten (circa 500 pagina’s) onder de reikwijdte van het Woo-verzoek vallen, mocht Saints & Stars niet afleiden dat zij dan dus ook al die documenten verstrekt zou krijgen. Nergens blijkt namelijk uit dat partijen dat laatste met de nadien gemaakte afspraken hebben beoogd. Dat de woorden “met de gevraagde bescheiden” aan onderdeel 3. van het proces-verbaal zijn toegevoegd, is, gelet op de koppeling met de beslissing op het Woo-verzoek, daarvoor een onvoldoende aanwijzing. Als de redenering van Saints & Stars zou worden gevolgd, zou die Woo-beslissing immers zinledig worden omdat de uitkomst – alles verstrekken – immers al zou vaststaan. De voorzieningenrechter sluit zich dan ook aan bij de uitleg die de Staat aan het begrip “de gevraagde bescheiden” geeft, luidende de bij het (naar aanleiding van het Woo-verzoek genomen) Woo-besluit te openbaren bescheiden.
trial by mediadie na de publicaties in Het Parool heeft plaatsgevonden. Zij baseert zich daarbij op de in het kader van het Woo-verzoek aan haar verstrekte bescheiden. Volgens Saints & Stars blijkt uit die bescheiden dat de Staat, in tegenstelling tot wat tijdens de zitting van 23 maart 2026 namens hem is gezegd, nauwe contacten had met een journalist van het Parool en andere media en herleidbare informatie met hen heeft gedeeld. Saints & Stars wijst in het bijzonder op Whatsapp-gesprekken die tussen een ambtenaar van de NLA en een journalist van het Parool hebben plaatsgevonden en trekt daaruit vergaande conclusies. Saints & Stars spreekt over het heimelijk voeden van Het Parool met informatie over de zaken en over het inzetten van een koers van maximale en zo schadelijk mogelijke publicaties en informatieverstrekking aan de media. Die door de Staat gemotiveerd betwiste conclusies kan de voorzieningenrechter echter niet aannemelijk achten. De daaraan door Saints & Stars ten grondslag gelegde feitelijke basis is daarvoor namelijk te dun.
off the record-(telefoon)gesprekken hebben plaatsgevonden tussen de ambtenaar en de journalist van Het Parool roept weliswaar vragen op, maar daarmee is nog niet aannemelijk gemaakt dat de Staat in die gesprekken zorgvuldigheidsnormen heeft overtreden. Daarbij betrekt de voorzieningenrechter dat namens de Staat is verklaard dat
off the recordin dit geval wil zeggen dat in reactie op vragen van een journalist door woordvoering informatie wordt gedeeld die, voordat het één op één (als quote) door de journalist in een publicatie mag worden opgenomen, eerst nog door juristen van de NLA moet worden geverifieerd. In de stukken zijn onvoldoende aanwijzingen te vinden dat in dit geval aan
off the recordeen andere betekenis moet worden toegekend.