ECLI:NL:RBDHA:2026:14969
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet
Eiser, van Hongaarse nationaliteit, is door verweerder de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel is genomen vanwege het risico dat eiser zich aan het toezicht zal onttrekken, waarbij zowel zware als lichte gronden zijn aangevoerd.
De rechtbank stelt vast dat eiser de genoemde gronden niet heeft betwist en acht deze feitelijk juist en voldoende gemotiveerd. Verweerder heeft bovendien gemotiveerd dat een lichter middel in deze situatie niet volstaat, mede gelet op het risico van het ontlopen van toezicht.
Eiser heeft geen feiten of omstandigheden aangevoerd die de maatregel van bewaring onevenredig bezwarend maken. De rechtbank concludeert dat de maatregel rechtmatig is en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.