ECLI:NL:RBDHA:2026:14901
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens overdracht aan Kroatië op grond van Dublinverordening
Eiser, een Sierra Leoonse asielzoeker, diende op 9 november 2025 een asielaanvraag in Nederland in. De minister van Asiel en Migratie nam de aanvraag niet in behandeling omdat Kroatië op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Kroatië heeft een verzoek om terugname van eiser aanvaard.
Eiser voerde aan dat de Kroatische asielprocedure systeemfouten kent, onderbouwd met passages uit het AIDA-rapport en een arrest van het EHRM, waardoor hij vreest voor schending van artikel 3 EVRM Pro bij overdracht. Hij stelde dat Kroatië geen effectieve rechtsbescherming biedt, met name bij versnelde procedures zonder automatische schorsende werking.
De rechtbank oordeelde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat eiser onvoldoende concrete aanwijzingen heeft geleverd om dit te weerleggen. De verwijzingen naar het AIDA-rapport tonen geen structurele tekortkomingen die een schending van artikel 3 EVRM Pro rechtvaardigen. Het EHRM-arrest betrof een andere situatie en is niet direct toepasbaar.
Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is de asielaanvraag terecht niet in behandeling genomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de aanvraag wordt niet behandeld omdat Kroatië verantwoordelijk is.