ECLI:NL:RBDHA:2026:14857

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
4 mei 2026
Publicatiedatum
4 juni 2026
Zaaknummer
C/09/702244 / FA RK 26-3047
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:250 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Benoeming bijzondere curator in internationale kinderontvoeringszaak

In deze internationale kinderontvoeringszaak verzoekt de vader de onmiddellijke terugkeer van zijn twee minderjarige kinderen naar hun gewone verblijfplaats in het buitenland. De moeder voert verweer tegen dit verzoek. Partijen hebben een mediationtraject gevolgd dat niet tot een oplossing heeft geleid.

De rechtbank benoemt een bijzondere curator voor de minderjarigen vanwege mogelijke verschillende belangen tussen de kinderen en de ouders. De curator krijgt de opdracht om met de kinderen te spreken over hun verblijfplaats en hun mening hierover te rapporteren, zonder de ouders hierbij te betrekken.

De rechtbank bepaalt dat de curator uiterlijk twee dagen voor de volgende zitting een schriftelijk verslag moet indienen en verwijst de zaak naar de meervoudige kamer voor verdere inhoudelijke behandeling. Verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitkomst: De rechtbank benoemt een bijzondere curator en verwijst de zaak naar de meervoudige kamer, waarbij verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitspraak

Rechtbank Den HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 26-3047
Zaaknummer: C/09/702244
Datum beschikking: 4 mei 2026

Internationale kinderontvoering/benoeming bijzondere curator

Beschikking in het kader van het op ingekomen verzoek van:

[de vader] ,

de vader,
wonende in [land] ,
advocaat: mr. H.P Scheer te Utrecht.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder] ,

de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. C.E. Koopmans te Dordrecht.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het verweerschrift;
  • het F9 formulier van 3 april 2026 van de vader;
  • het F9 formulier van 6 april 2026, met bijlage, van de vader;
  • het F9 formulier van 7 april 2026 van de vader;
  • het F9 formulier van 7 april 2026 van de moeder;
  • het F9 formulier van 30 april 2026 van de moeder.
De regiezitting met het oog op crossborder mediation in internationale kinderontvoeringzaken stond gepland op 7 april 2026, maar heeft op verzoek van partijen geen doorgang gevonden. Partijen hebben de gelegenheid gekregen om een crossborder mediation traject te volgen, gefaciliteerd door het Mediation Bureau van het Centrum Internationale Kinderontvoering, teneinde tot een minnelijke regeling te komen. Op 28 april 2026 heeft het Mediation Bureau de rechtbank bericht dat de mediation tussen partijen niet is geslaagd. De vader handhaaft daarom het teruggeleidingsverzoek.

Verzoek en verweer

De vader verzoekt:
  • de onmiddellijke terugkeer van na te melden minderjarigen te bevelen naar hun gewone verblijfplaats aan de [adres] , [plaats 1] , [land] , althans naar [land] en subsidiair te bevelen, voor het geval de moeder nalaat de minderjarigen naar [land] terug te brengen dat de moeder de kinderen aan de vader zal afgeven, onmiddellijk of uiterlijk op de door de rechtbank bepaalde datum opdat de vader met de minderjarige kinderen naar [land] kan terugkeren;
  • de moeder te bevelen, voor het geval de moeder nalaat de minderjarigen naar hun gewone verblijfplaats aan de [adres] , [plaats 1] , [land] , althans naar [land] terug te geleiden, dat de moeder het paspoort en/of de benodigde reispapieren aan de vader zal afgeven opdat de vader de minderjarigen zelf mee terug kan nemen naar [land] ;
  • de moeder te veroordelen tot betaling van de kosten van de vader verbonden aan de teruggeleidingsprocedure.
De moeder heeft verweer gevoerd tegen het verzoek van de vader.

Feiten

  • Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2019 te [plaats 2] , [land] .
  • Zij zijn de ouders van de volgende nu nog minderjarige kinderen:
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats] , [land] ,
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats] , [land] .
  • Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de minderjarigen uit.
  • De vader, de moeder en de minderjarigen hebben de Poolse nationaliteit.
  • De vader heeft zich gewend tot de Nederlandse Centrale Autoriteit (CA). Het IKO nummer is niet bekend.

Beoordeling

Ingevolge artikel 1:250 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de rechtbank een bijzondere curator benoemen. De rechtbank vindt het, gelet op de aard van de zaak en van de daarin spelende belangenstrijd, in het belang van de minderjarigen noodzakelijk een bijzondere curator te benoemen. Daarbij is er mogelijk sprake van dat de belangen van de minderjarigen onderling verschillen. Daarbij merkt de rechtbank op dat de bijzondere curator wordt benoemd over twee kinderen die ieder mogelijk een andere positie hebben ten opzichte van hun ouders en mogelijk ook andere belangen hebben. Daarom spelen ten aanzien van ieder kind mogelijk verschillende rechtsbelangen, waarmee de bijzondere curator rekening dient te houden. Het is daarom belangrijk dat de bijzondere curator waar nodig de afzonderlijke belangen van de minderjarigen in kaart brengt.
De rechtbank verzoekt de bijzondere curator de volgende vragen te beantwoorden:
Wat geven de minderjarigen zelf aan over een eventueel verblijf in [land] en een eventueel verblijf in Nederland?
In hoeverre lijken de minderjarigen zich vrij te kunnen uiten?
In hoeverre lijken de minderjarigen de gevolgen van het verblijf in [land] of het verblijf in Nederland te overzien?
Wil de minderjarige [de minderjarige 1] met de rechter(s) spreken en zo ja, wenst de minderjarige dat de bijzondere curator daarbij aanwezig zal zijn?
De rechtbank verzoekt de bijzondere curator hierbij met de minderjarige te bespreken dat het gesprek mogelijk met drie rechters gevoerd gaat worden (waarbij er mogelijk twee rechters via een beeldscherm deelnemen).
5. Ziet de bijzondere curator aanleiding om het kindgesprek online te houden?
6. Is het nodig dat er een tolk aanwezig is bij het kindgesprek en zo ja, in welke taal (en indien van toepassing welk dialect)?
7. Zijn er nog bijzonderheden naar voren gekomen die van belang zijn voor de te nemen beslissingen?
Van de bijzondere curator wordt verwacht dat deze door gesprekken te voeren met de minderjarigen probeert zicht te krijgen op de mening van de minderjarigen ten aanzien van het verblijf in [land] en het verblijf in Nederland en vervolgens die mening van de minderjarigen naar voren te brengen in deze procedure. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling van de rechtbank dat de bijzondere curator hierbij de ouders zal betrekken. Het gaat alleen om gesprekken met de minderjarigen.
Van de ouders wordt verwacht dat zij volledige medewerking verlenen aan het inplannen en uitvoeren van de gesprekken van de minderjarigen met de bijzondere curator.
Van haar bevindingen dient de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling op de zitting een schriftelijk verslag aan de rechtbank en de ouders toe te sturen. De bijzondere curator licht het verslag zo nodig ter terechtzitting toe.
De rechtbank zal de zaak voor de verdere inhoudelijke behandeling verwijzen naar de meervoudige kamer van deze rechtbank.
(alleen opnemen indien kostenveroordeling is verzocht)

Beslissing

De rechtbank:
*
benoemt tot bijzondere curator over de minderjarigen:
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats] , [land] ,
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats] , [land] :
drs. I. (Ingeborg) Sandig
De Haasekker 5
5258 KS Berlicum
telefoonnummer: [telefoonnummer]
e-mailadres: [e-mailadres] ;
*
bepaalt dat de griffier een afschrift van de processtukken aan de bijzondere curator zal toesturen;
*
bepaalt dat de bijzondere curator uiterlijk twee dagen voor de nader te bepalen behandeling op de zitting haar schriftelijk verslag aan de rechtbank en de (advocaten van de) ouders dient te sturen;
*
houdt iedere verdere beslissing aan;
*
verwijst de zaak naar de meervoudige kamer.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. de Jong-Kwestro, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. A.F. Lemmens als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 4 mei 2026.