ECLI:NL:RBDHA:2026:14693
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublin-verantwoordelijkheid Zwitserland
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag op 10 maart 2026 niet in behandeling genomen, omdat Zwitserland volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het beroep behandeld en op dezelfde dag uitspraak gedaan, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling van de asielaanvraag.