Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] ,
de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. R. Radema).
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
chiefvan het dorp4 en de overgelegde foto's van de brand ondersteunen dit. De
chiefheeft in de brief verder verklaard dat er naar eiser
chiefvan het dorp6 en van eisers buurvrouw7, beide vergezeld van een kopie van hun identiteitsbewijs. Daarin staat namelijk vermeld dat eiser sinds zijn jeugd bij zijn oom woont en bovendien worden de neven van eiser daarin als eisers broers aangeduid. Door deze familiaire band heeft eiser naar het oordeel van de rechtbank aannemelijk gemaakt dat eiser als direct doelwit van een wraakactie kan worden beschouwd.
chiefvan 2 december 2025, waarin hij verklaart dat hij sinds het vertrek van eisers oom ook zelf geen contact meer met de oom heeft kunnen krijgen. Verder heeft eiser erop gewezen dat aan de verklaringen van de
chiefmeer gewicht toekomt, aangezien de
chiefde belangrijkste persoon in het dorp is en als zodanig van alle gebeurtenissen daar op de hoogte is. Op de zitting heeft eiser verklaard dat hij zelf meerdere keren heeft geprobeerd zijn oom te bereiken, maar zonder succes. Op de vraag of hij contact heeft kunnen krijgen met zijn neef die samen met zijn oom is gevlucht, heeft eiser toegelicht dat die neef jonger is en niet over een telefoon beschikt. Om die reden heeft hij ook hem niet kunnen bereiken.
chiefvan 2 december 20258 dient daartoe als ondersteunend bewijs. Daarin bevestigt de
chiefvan 2 december 2025 niet blijkt wie heeft meegedeeld dat er navraag naar eiser en zijn oom is gedaan, zoals de minister betoogt, wordt daarin wel vermeld dat specifiek naar eisers familie is gevraagd. Het betoog van de minister dat de verklaring van de
chiefgeen op eiser gerichte bedreiging betreft, omdat met
[eiser] 's familyook een ander familielid kan worden bedoeld, volgt de rechtbank niet. De verklaring, gelezen in haar geheel, met de bedreiging
they must find [eiser] 's family and revengebezien in samenhang met gezinssituatie van eiser en de specifieke navraag naar eiser, heeft redelijkerwijs (ook) op eiser betrekking. De rechtbank is van oordeel dat de minister de verklaring van de
chieften onrechte niet in onderlinge samenhang heeft beoordeeld en in de context van eisers asielaanvraag.