Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het CAK over de definitieve jaarafrekening verdragsbijdrage op grond van de Zorgverzekeringswet. Na het bestreden besluit heeft eiser beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag.
De rechtbank heeft vernomen dat eiser op 18 januari 2025 is overleden. Vervolgens heeft de rechtbank de erven opgeroepen zich te melden om het beroep voort te zetten, onder meer via brieven en een publicatie in de Staatscourant. Er heeft zich echter geen erfgenaam gemeld die het beroep wilde voortzetten.
Omdat het procesbelang van eiser is komen te vervallen door het ontbreken van opvolging door erfgenamen, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt de zaak niet inhoudelijk en wijst terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.