ECLI:NL:RBDHA:2026:1403
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring visumaanvraag kort verblijf wegens handtekeningen
Eisers, Egyptische nationaliteit, dienden een aanvraag in voor een visum kort verblijf om een familielid te bezoeken. Verweerder wees de aanvraag af en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens vermeende ongeldige machtigingen door afwijkende handtekeningen.
Eisers stelden dat de handtekeningen consistent waren en verweerder ten onrechte twijfelde aan de reisdoelen en binding met het land van herkomst. Tijdens de zitting bleek dat de inhoudelijke beroepsgronden niet behandeld zouden worden.
De rechtbank oordeelde dat de herstelverzuimbrief niet duidelijk maakte dat de handtekeningen opnieuw moesten worden gezet en dat de referent authentiek verklaarde gemachtigd te zijn. Verweerder kon niet tegenwerpen dat de referent niet gemachtigd was. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met de opdracht tot een nieuw besluit.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de visumaanvraag wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.