ECLI:NL:RBDHA:2026:13562
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen terugkeerbesluit wegens onrechtmatig verblijf zonder verblijfsdocument
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit en al ruim dertig jaar in Nederland verblijvend, maakte bezwaar tegen een terugkeerbesluit van 24 januari 2025. Dit besluit verplicht hem Nederland binnen vier weken te verlaten wegens het ontbreken van een geldig verblijfsdocument en onvoldoende middelen van bestaan.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht het terugkeerbesluit heeft opgelegd, aangezien eiser niet voldeed aan de grensoverschrijdingsverplichtingen en onrechtmatig verbleef. Tijdens het gehoor is eiser voldoende gelegenheid geboden zijn medische situatie en persoonlijke omstandigheden toe te lichten, waarbij eiser zelf aangaf gezond te zijn om te reizen.
De stelling van eiser dat hij niet zonder advocaat gehoord had mogen worden, wordt verworpen omdat hij op rechtshulp was gewezen en hiervan afzag. Verweerder heeft de medische omstandigheden meegewogen, maar gezien de ex tunc toetsing en de eigen verklaringen van eiser, was er geen reden af te zien van het besluit.
De rechtbank stelt dat verweerder niet verplicht was een belangenafweging te maken op grond van artikel 8 EVRM Pro en dat eiser hiervoor een aparte aanvraag kan indienen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.