Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:13473

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 mei 2026
Publicatiedatum
25 mei 2026
Zaaknummer
698004
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • H.F.R. van Heemstra
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119 BWArt. 6:162 BWArt. 9 lid 2 UMVoArt. 80 lid 1 UModVoArt. 81 UModVo
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorlopige voorziening in modelrechtinbreuk op dubbelwandige potjes voor kinderspeelgoed

Moose Creative Management en Moose Toys vorderen in kort geding dat UP International stopt met het verkopen van Glossy Goo-producten die volgens hen inbreuk maken op hun Uniemodel en woordmerken GUI GUI en GO GLOW. Moose stelt dat het modelrecht geldig is en dat de Glossy Goo-producten slaafse nabootsing zijn, terwijl UP de geldigheid van het model betwist en merkinbreuk ontkent.

De voorzieningenrechter beoordeelt het modelrecht en oordeelt dat het Moose-Model nieuw is en een eigen karakter heeft, ondanks het vormgevingserfgoed dat UP aanvoert. De beschermingsomvang van het model is beperkt tot vrijwel identieke ontwerpen. De Glossy Goo-producten maken naar voorlopig oordeel inbreuk op het modelrecht omdat zij dezelfde algemene indruk wekken.

Ten aanzien van de merkinbreuk oordeelt de rechtbank dat de tekens Glossy Goo en Go Go onvoldoende overeenstemmen met de merken GUI GUI en GO GLOW, zodat de merkenrechtelijke vorderingen worden afgewezen. De overige vorderingen worden deels toegewezen, waaronder het staken van de inbreuk, opgave van gegevens, recall-acties en bewaring van inbreukmakende producten. De gevorderde dwangsommen worden gematigd. UP wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het modelrecht geldig is en dat UP inbreuk maakt op het modelrecht, wijst de merkenrechtelijke vorderingen af en legt diverse maatregelen en dwangsommen op aan UP.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Civiel recht
Zittingsplaats Den Haag
Zaaknummer: C/09/698004 / KG ZA 26-56
Vonnis in kort geding van 27 mei 2026
in de zaak van

1.MOOSE CREATIVE MANAGEMENT PTY LTD,

te Cheltenham Victoria (Australië),
2.
MOOSE TOYS LTD,
te Cornwall (Verenigd Koninkrijk),
eisende partijen,
hierna samen te noemen: Moose c.s.,
advocaat: mr. M.R. Rijks,
tegen
UP INTERNATIONAL B.V.,
te Waddinxveen,
gedaagde partij,
hierna te noemen: UP,
advocaat: Mr. M.N. Landzaad.
Partijen zullen hierna respectievelijk Moose c.s. en UP worden genoemd, en waar dit de duidelijkheid ten goede komt respectievelijk ‘Moose Creative’ en ‘Moose Toys’.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 29 januari 2026,
- de akte eisvermeerdering tevens akte overlegging producties van Moose c.s.,
- producties EP01 tot en met EP30 van Moose c.s.,
- de akte aanvullende producties van Moose c.s. met producties EP31 tot en met EP37,
- de conclusie van antwoord van UP,
- producties GP01 tot en met GP04 van UP,
- de mondelinge behandeling van 8 april 2026,
- de pleitnota van Moose c.s.,
- de pleitnota van Up.
1.2.
Partijen hebben tijdens de mondelinge behandeling op 8 april 2026 hun standpunten uiteengezet en vragen van de rechtbank beantwoord, waarbij Moose c.s. werd bijgestaan door zijn advocaat mr. Rijks, voornoemd, en door mr. drs. I.C.J. van der Heijdt, advocaat te Eindhoven. UP werd bijgestaan door haar advocaat mr. Landzaad, voornoemd.

2.De feiten

2.1.
Moose Toys is een ontwerper en distributeur van een breed scala aan kinderspeelgoed en -spellen. Zij exporteert haar producten naar meer dan vijftig
landen. Tot de producten van Moose Toys hoort het zogeheten ‘slime’- product GUI GUI. De GUI GUI-producten bevatten
slimeen een aantal componenten, zoals boosters, figuurtjes en glitters, om het
slimete verfraaien. De GUI GUI-producten worden verkocht in een dubbelwandig potje. Ter illustratie dient de volgende afbeelding:
2.2.
UP is een in Nederland gevestigde groothandel in speelgoed, die producten in heel Europa aanbiedt.
2.3.
Moose Creative is houdster van een Uniemodel, gedeponeerd op 6 oktober 2025 met modelnummer 015119398-0001, ingeschreven op 7 oktober 2025 voor ‘Jars [packaging]’ (hierna: het Moose-Model). Bij de modelinschrijving horen de volgende afbeeldingen:
2.4.
Moose c.s. is houder van verschillende woordmerken (hierna samen: de Merken). Moose Toys is rechthebbende op het Uniewoordmerk GO GLOW, gedeponeerd op 18 juli 2005 met inschrijvingsnummer 004500229, ingeschreven op 13 juni 2006 voor waren in klassen 11 (verlichtingsapparaten; lampen, verlichting, nachtlampjes, zaklampen, gloeilampen; onderdelen en accessoires voor alle voornoemde goederen), 20 (meubelstukken en beddengoed) en 28 (spellen en speelgoederen; elektronische spellen, elektronisch speelgoed en elektronische speelgoederen).
2.5.
Moose Creative is daarnaast rechthebbende op het internationale woordmerk GUI GUI, geregistreerd op 27 juni 2024 met prioriteitsdatum 21 mei 2024 en met inschrijvingsnummer 1806476, voor waren in klassen 16 (onder meer ‘Erasers; printed patterns; painting sets for children’), en 28 (onder meer ‘Action toys; construction toys; children's multiple activity toys; children's toys; educational toys’). Het internationaal woordmerk is aangewezen voor de landen CA - CN - EM - GB - ID - IL - IN - JP - KR - MX - NO - RU - TR - UA – VN.
2.6.
In augustus 2025 constateerde Moose c.s. dat UP via haar Linkedin-pagina aankondigde een
slime-product te introduceren onder de naam Glossy Goo in een dubbelwandig potje (hierna: de Glossy Goo-producten). Later heeft UP ook een ‘Glossy Goo XL’-versie aangeboden. Ter illustratie dient de volgende afbeelding:
2.7.
Moose c.s. heeft op 9 december 2025 een testaankoop verricht bij ‘Massamarkt’ waarna de Glossy Goo-producten de volgende dag in Nederland zijn geleverd.
2.8.
De website van UP liet op 25 december 2025 onder meer de volgende afbeelding zien:
2.9.
Op 15 oktober 2025 heeft Moose c.s. een sommatiebrief verstuurd aan UP en UP onder andere gesommeerd het gebruik van het teken Glossy Goo en het verhandelen van de Glossy Goo-producten te staken en aan Moose c.s. informatie te verschaffen. In reactie heeft UP de merk-, model- en auteursrechtinbreuk betwist.
2.10.
UP is op 3 december 2025 bij het EUIPO [1] een actie gestart teneinde het Moose-Model nietig te laten verklaren.

3.Het geschil

3.1.
Moose c.s. vorderen, na wijziging van eis, - samengevat – dat de voorzieningenrechter:
1. UP zal bevelen binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis iedere inbreuk op de modelrechten van Moose in de gehele Europese Unie te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder te bevelen te staken en gestaakt te houden het verkopen, aanbieden (zoals maar niet beperkt tot verkoop en aanbieding via internet en in winkels), invoeren, uitvoeren of anderszins in het verkeer brengen van de Glossy Goo Producten en/of de Glossy Goo XL Producten;
2. UP zal bevelen binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis iedere inbreuk op de aan Moose Toys toekomende Auteursrechten in de gehele Europese Unie te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder te bevelen te staken en gestaakt te houden het verkopen, aanbieden (zoals maar niet beperkt tot verkoop en aanbieding via internet en in winkels), invoeren, uitvoeren of anderszins in het verkeer brengen van de Glossy Goo Producten en/of de Glossy Goo XL Producten;
3. UP zal bevelen binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis iedere inbreuk op de Merken te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder UP te verbieden gebruik te maken van het teken ‘GLOSSY GOO’ dan wel andere tekens die overeenstemmen met de Merken voor de waren waarvoor de Merken zijn ingeschreven;
4. UP zal bevelen binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis in Nederland ieder onrechtmatig handelen jegens Moose Toys te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder te bevelen te staken en gestaakt te houden het verkopen, aanbieden (zoals maar niet beperkt tot verkoop en aanbieding via internet en in winkels), invoeren, uitvoeren of anderszins in het verkeer brengen van de Glossy Goo Producten en/of de Glossy Goo XL Producten;
5. UP zal bevelen om binnen 14 dagen na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis aan de advocaten van Moose Toys schriftelijk en met alle daarop betrekking hebbende bescheiden (waaronder begrepen in- en verkoopfacturen) gestaafde opgave te doen van:
( a) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die bij UP, dan wel bij enige aan haar gelieerde (rechts)persoon per de datum van het vonnis aanwezig zijn of (indirect) in voorraad worden gehouden;
( b) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die UP, dan wel enig aan haar gelieerde (rechts)persoon heeft ingekocht dan wel vervaardigd of heeft doen inkopen dan wel heeft doen vervaardigen;
( c) de door UP intern gerekende kostprijs dan wel betaalde inkoopprijzen alsmede de door gehanteerde verkoopprijzen voor de inbreukmakende producten;
( d) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die UP, dan wel enig aan haar gelieerde (rechts)persoon heeft verkocht;
( e) het totale bedrag van de door UP als gevolg van de verhandeling van de inbreukmakende producten genoten bruto- en nettowinst, alsmede de berekeningswijze daarvan;
( f) de volledige namen en adressen van alle bij de verhandelingen en vervaardiging van de inbreukmakende producten betrokken (rechts)personen (waaronder de namen en adressen van alle leveranciers en producenten), als ook de namen en adressen van de (rechts)personen aan welke de inbreukmakende producten zijn geleverd;
6. UP zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis op haar eigen kosten een rectificatie op en te plaatsen, in een goed leesbaar lettertype in het zwart tegen een witte achtergrond te plaatsen, zonder enig commentaar en zonder dat op enige wijze aan het doel en/of de strekking van de rectificatie afbreuk wordt gedaan, door uitsluitend de volgende tekst te plaatsen en gedurende twee maanden daar geplaatst te houden, die luidt als volgt:
“IMPORTANT ANNOUNCEMENT concerning the Glossy Goo products and the Glossy Goo XL Products
UP International has offered for sale the Glossy Goo beauty putty and the Glossy Goo beauty putty XL. Those products constitute an infringement on the intellectual property rights resting on the GUI GUI products as made by Moose Creative Management Pty Limited.
We never obtained permission for offering the Glossy Goo products or the Glossy Goo XL products. By offering for sale the Glossy Goo products and the Glossy Goo XL products, we have infringed Moose’s intellectual property rights and have acted unlawfully.
We request you to return to us any remaining products of the Glossy Goo products and/or the Glossy Goo XL products that are in your possession immediately. We will reimburse the purchase price for the product(s) returned as well as any costs involved for such return. UP International B.V.”
dan wel een andere door de Voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen tekst;
7. UP zal bevelen om binnen vijf werkdagen na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis op haar eigen kosten brieven te versturen (zowel per aangetekende post als per e-mail) aan alle partijen die onder 4(f) [de rechtbank begrijpt: 5(f)] vallen, te verzenden op het normale briefpapier van UP, waarin, los van adressering en afsluiting, uitsluitend de volgende tekst is opgenomen, in een duidelijk en voldoende groot en leesbaar lettertype, zonder enig commentaar en zonder dat op enige manier aan het doel en/of de strekking van de brief afbreuk wordt gedaan:
“IMPORTANT ANNOUNCEMENT concerning the Glossy Goo products and Glossy Goo XL products
UP International has offered for sale the Glossy Goo beauty putty and the Glossy Goo beauty putty XL. Those products constitute an infringement on the intellectual property rights resting on the GUI GUI products as made by Moose Creative Management Pty Limited.
We never obtained permission for offering the Glossy Goo products or the Glossy Goo XL products. By offering for sale the Glossy Goo products and the Glossy Goo XL products, we have infringed Moose’s intellectual property rights and have acted unlawfully.
We request you to return to us any remaining products of the Glossy Goo products and/or the Glossy Goo XL products that are in your possession immediately. We will reimburse the purchase price for the product(s) returned as well as any costs involved for such return.
We further point out that further commercial use of the Glossy Goo products and/or the Glossy Goo XL products infringes the intellectual property rights of Moose Creative Management Pty Limited. You may be directly sued at law for any such use.
UP International BV”
dan wel een andere door de Voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen tekst, en gelijktijdig aan de advocaten van Moose Toys kopieën van deze brieven en e-mails toe te zenden, een en ander telkens per geadresseerde per brief, inclusief de bewijzen van de aangetekende post en verzending van deze e-mails, vergezeld van een lijst van namen en adressen aan wie deze brief en e-mail is verstuurd, en de vervolgcorrespondentie met deze geadresseerden tevens door te sturen naar de advocaten van Moose Toys;
8. UP zal veroordelen om binnen vier weken na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis de bij haar in voorraad zijnde, alsnog in haar bezit komende en/of de door haar afnemers geretourneerde inbreukmakende/onrechtmatige exemplaren van de Glossy Goo Producten en de Glossy Goo XL Producten - tot het moment dat tussen partijen een onherroepelijk oordeel is gegeven door een Nederlandse rechter - in bewaring te geven bij een gerechtelijk bewaarder onder toezicht van een deurwaarder, en met de verplichting om een proces-verbaal van het in bewaring geven binnen drie werkdagen na het in bewaring geven aan de advocaten van Moose Toys toe te zenden, waarin een opgave wordt gedaan van de aantallen producten, alsmede van afbeeldingen van de producten;
9. UP zal veroordelen tot betaling van een dwangsom van EUR 20.000,- per keer dat de bevelen genoemd onder 1, 2, 3, 4, 5, 6 en/of 7 niet worden nagekomen, te vermeerderen met EUR 10.000,- voor iedere dag – een gedeelte van een dag tot een gehele gerekend – dat de overtreding dan wel niet-nakoming voortduurt, een en ander met een maximum van EUR 2.000.000,- per veroordeling;
10. UP zal veroordelen in de volledige proceskosten op grond van artikel 1019h Rv, met bepaling dat UP de wettelijke rente over de proceskosten verschuldigd is vanaf 14 dagen na de dag van het te dezen te wijzen vonnis tot aan de dag der algehele voldoening.
3.2.
Moose c.s. leggen aan de vordering het volgende ten grondslag. UP maakt met de verkoop van Glossy Goo-producten in Europa inbreuk op de model-, merk- en auteursrechten van Moose c.s., althans handelt UP onrechtmatig jegens Moose c.s.. De Glossy Goo-producten wekken geen andere algemene indruk dan het Moose-Model. De vormgeving van de GUI GUI-producten is het resultaat van creatieve keuzes, zodat die vormgeving ook auteursrechtelijk is beschermd. Het merk GUI GUI en het teken Glossy Goo, althans het teken Go Go, stemmen verwarringwekkend overeen, zodat sprake is van inbreuk op de Merken op grond van artikel 9 lid 2 sub b UMVo Pro [2] . De GUI GUI-producten hebben een eigen gezicht op de markt en UP maakt zich schuldig aan slaafse nabootsing (onrechtmatig handelen). De verkoopprijs van de Glossy Goo-producten is lager dan de verkoopprijs van de GUI GUI-producten en de kwaliteit is inferieur, waardoor Moose c.s. schade leidt in de vorm van omzetderving en reputatieschade.
3.3.
UP voert verweer. UP concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Moose c.s., dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Moose c.s. met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Moose c.s. in de kosten van deze procedure.
3.4.
UP voert het volgende aan. Uit de dagvaarding blijkt niet wie van beide eiseressen houder c.q. rechthebbende is op de door eiseressen ingeroepen intellectuele eigendomsrechten. Bewijs ontbreekt dat eiseressen bevoegd zijn om namens de ander de ingeroepen rechten te handhaven. UP betwist dat het Moose-Model geldig is in die zin dat het Moose-Model niet nieuw is en geen eigen karakter heeft en daardoor geen andere algemene indruk wekt bij de geïnformeerde gebruiker dan eerdere modellen. UP is een nietigheidsactie begonnen bij het EUIPO.
3.5.
UP meent dat de vormgeving van de GUI GUI-producten oorspronkelijkheid in auteursrechtelijke zin ontbeert. De gemaakte keuzes zijn technisch bepaald en/of zijn banaal en triviaal. Ten aanzien van het merkenrecht ontbreekt verwarringsgevaar, omdat de tekens Glossy Goo en Go Go visueel, auditief noch begripsmatig overeenstemmen met de merken GUI GUI en GO GLOW, terwijl het merk GO GLOW bovendien uitsluitend is ingeschreven en wordt gebruikt voor elektronisch speelgoed en bed- c.q. nachtlampen voor kinderen in het bijzonder. De GUI GUI-producten hebben geen eigen gezicht op de markt verworven en UP heeft op relevante punten voldoende afstand genomen van de producten van Moose c.s., zodat ook geen sprake is van onrechtmatig handelen/slaafse nabootsing.
3.6.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Bevoegdheid
4.1.
Voor zover Moose c.s. aan haar vorderingen inbreuk op het Moose-Model ten grondslag heeft gelegd, is deze rechtbank, gelet op de vestigingsplaatsen van UP in Nederland, internationaal en relatief bevoegd kennis te nemen van de vorderingen van Moose c.s. op grond van artikel 80 lid Pro 1, artikel 81 aanhef Pro en onder a en artikel 82 lid 1 UModVo Pro [3] , in samenhang met artikel 3 van Pro de Uitvoeringswet EG-verordening betreffende Gemeenschapsmodellen. Deze bevoegdheid strekt zich uit tot de gehele Europese Unie.
4.2.
Voor zover de vorderingen zijn gebaseerd op de gestelde inbreuk op het auteursrecht is de rechtbank bevoegd, omdat deze vorderingen verknocht zijn aan de vordering op grond van het modelrecht. Voor zover de vorderingen zijn gebaseerd op slaafse nabootsing (onrechtmatig handelen ex artikel 6:162 BW Pro [4] ) is de rechtbank bevoegd alleen al omdat haar bevoegdheid niet is bestreden. Deze bevoegdheid is beperkt tot Nederland.
Spoedeisend belang
4.3.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat Moose c.s. daarbij een spoedeisend belang hebben. De voorzieningenrechter vormt zich een voorlopig oordeel over de vorderingen aan de hand van de stukken en de mondelinge behandeling. Of de gevraagde voorziening wordt verleend, hangt ook af van de afweging van de belangen van partijen.
4.4.
Naar vaste rechtspraak is sprake van voldoende spoedeisend belang bij een voortgaande inbreuk, zodat Moose c.s. voldoende belang heeft bij een voorlopige voorziening. Overigens is de spoedeisendheid niet (voldoende) door UP bestreden.
Modelrecht
Het Moose-Model is geldig
4.5.
Een Uniemodel wordt op grond van artikel 4 lid 1 UModVo Pro beschermd indien en voor zover het nieuw is en een eigen karakter heeft. Een ingeschreven Uniemodel wordt, gelet op artikel 5 lid 1 aanhef Pro en onder b UModVo, als nieuw beschouwd indien geen identiek model voor het publiek beschikbaar is gesteld vóór de datum van depot. Het publiek bestaat uit ingewijden in de betrokken sector die in de Europese Unie werkzaam zijn. Ingevolge artikel 6 lid 1 aanhef Pro en onder b UModVo wordt een ingeschreven Uniemodel geacht een eigen karakter te hebben, indien de algemene indruk die het bij de geïnformeerde gebruiker wekt, verschilt van de algemene indruk die bij die gebruiker wordt gewekt door modellen die vóór de eerdergenoemde datum voor het publiek beschikbaar zijn gesteld (het vormgevingserfgoed). Een recht op een Uniemodel geldt op grond van artikel 8 lid 1 UModVo Pro niet voor de uiterlijke kenmerken van een voortbrengsel die uitsluitend door de technische functie worden bepaald.
4.6.
De ‘geïnformeerde gebruiker’ is een gebruiker die niet slechts gemiddeld, maar in hoge mate aandachtig is, hetzij door zijn persoonlijke ervaring, hetzij door zijn uitgebreide kennis van de betrokken sector. Deze gebruiker is gepositioneerd tussen de – op het gebied van het merkenrecht gehanteerde – gemiddelde consument, van wie geen enkele specifieke kennis wordt verwacht en die de strijdige modellen in de regel niet rechtstreeks vergelijkt, en de vakman met grondige technische deskundigheid. Voor wat betreft het aandachtsniveau van deze geïnformeerde gebruiker betekent dit dat deze weliswaar niet de redelijk geïnformeerde, omzichtige en oplettende gemiddelde consument is die een model gewoonlijk als een geheel waarneemt en niet op de verschillende details ervan let, maar dat het evenmin gaat om de vakman die in detail de minieme verschillen die mogelijkerwijs tussen de conflicterende modellen bestaan, kan onderscheiden. [5] . Het betreft de gebruiker die, zonder een ontwerper of een technisch deskundige te zijn, de in de betrokken sector bestaande verschillende modellen kent, een zekere kennis bezit met betrekking tot de elementen die deze modellen over het algemeen bevatten, en door zijn belangstelling voor de betrokken voortbrengselen blijk geeft van een vrij hoog aandachtsniveau bij gebruik ervan. Zoals hiervoor is overwogen gaat de voorzieningenrechter als geïnformeerde gebruiker op basis van de standpunten van partijen uit van een inkoper van speelgoed, die als zodanig kennis heeft van plastic potjes voor
slime-producten en die de speelgoed-trends zorgvuldig bijhoudt.
4.7.
UP heeft de nietigheid van het Moose-Model opgeworpen en daartoe gesteld dat het Moose-Model niet nieuw is en geen eigen karakter heeft. De voorzieningenrechter hoeft niet van de geldigheid van het ingeroepen modelrecht uit te gaan, indien de gedaagde, in dit geval UP, in een procedure inzake voorlopige en beschermende maatregelen de nietigheid van het Uniemodel opwerpt (artikel 90 lid 2 UModVo Pro). Hierbij komt dat UP haar verweer kracht heeft bijgezet door het instellen van een nietigheidsprocedure bij het EUIPO. De door UP opgeworpen nietigheidsargumenten dienen in deze procedure dan ook te worden betrokken bij de beoordeling van de gevorderde voorlopige voorzieningen.
4.8.
Partijen twisten niet over de vraag of de uiterlijke kenmerken van het Moose-Model uitsluitend worden bepaald door de technische functie, zodat de voorzieningenrechter hierna de geldigheid van het Moose-Model zal beoordelen aan de hand van de vragen naar nieuwheid en eigen karakter. De voorzieningenrechter gaat in deze procedure uit van de geldigheid van het Moose-Model. Daartoe is het volgende redengevend.
Het Model is nieuw
4.9.
Moose c.s. heeft de volgende kenmerken opgesomd als karakteristiek voor het Moose-Model:
Een constructie van een binnen- en buitenpot;
Waarbij de buitenpot half doorzichtig en mat is;
De binnenpot een felle kleur heeft;
Het deksel gelijkkleurig is aan de binnenpot; en
De specifieke verhoudingen tussen binnen- en buitenpot en het deksel qua formaat.
4.10.
De voorzieningenrechter voegt daaraan toe: de rechte wanden van de buitenpot in combinatie met een afgeronde vorm van de onderkant van die buitenpot.
4.11.
UP heeft betwist dat de door Moose c.s. genoemde kenmerken specifiek zijn voor het Moose-Model van Moose c.s., zodat het Moose-Model daarom niet nieuw is. UP heeft daarbij gewezen op het vormgevingserfgoed. Zij heeft daartoe ongedateerde afbeeldingen overgelegd van diverse potjes en gedateerde voorbeelden van eerdere modellen. De ongedateerde afbeeldingen betreffen onder meer:
De modelinschrijvingen betreffen:
- Een Uniemodelinschrijving met registratienummer 000114921-001, ingeschreven op 17 december 2003 voor ‘Pots for cosmetic products’. Bij deze modelinschrijving horen de volgende afbeeldingen:
- Een Brits design-model met inschrijvingsnummer 90017361820001, ingeschreven op 26 juli 2010 voor ‘Pots of cream (cosmetics)’. Bij de modelinschrijving horen de volgende afbeeldingen:
- Een Brits design-model met inschrijvingsnummer 9000641310001, ingeschreven op 21 december 2006 voor ‘Pots for cosmetic products’. Bij de modelinschrijving horen de volgende afbeeldingen:
- Een Uniemodelinschrijving met registratienummer 000215165-0003, ingeschreven op 12 augustus 2004 voor ‘Phials’. Bij de modelinschrijving horen de volgende afbeeldingen:
4.12.
Omdat van de ongedateerde potjes niet kan worden vastgesteld of zij vroeger of later voor het publiek beschikbaar zijn gesteld dan het Moose-Model, zal de voorzieningenrechter hieraan voorbijgaan. Er kan immers niet worden vastgesteld dat zij nieuwheidsschadelijk zijn voor het Moose-Model. De door UP overgelegde modelinschrijvingen kunnen wel in de vergelijking worden betrokken.
4.13.
De door UP aangevoerde modellen (zie hiervoor) betreffen eveneens potjes die bestaan uit een constructie van een binnen- en buitenpot. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat uit de in het modeldepot van Moose c.s. gebruikte afbeeldingen niet (voldoende duidelijk) blijkt dat de buitenpot half doorzichtig en mat is; dat de binnenpot een felle kleur heeft; en dat de deksel dezelfde kleur heeft als de binnenpot. Uit het door UP overgelegde vormgevingserfgoed blijken deze eigenschappen echter ook niet, zodat het overgelegde vormgevingserfgoed in deze opzichten niet nieuwheidsschadelijk is.
4.14.
Dat de verhoudingen tussen binnen- en buitenpot en het deksel niet specifiek zijn voor het model, zoals UP stelt en Moose c.s. betwist, blijkt evenmin uit het overgelegde vormgevingserfgoed. De overgelegde modellen hebben immers andere verhoudingen tussen pot en deksel dan het Moose-Model. Ook de rechte zijkant in combinatie met de afgeronde vorm van de onderkant van het Moose-Model valt niet terug te vinden in het overgelegde vormgevingserfgoed. Ten opzichte van de door UP aangedragen potjes heeft het Moose-Model zodoende een afwijkende vormgeving, zodat de voorzieningenrechter in het door UP overgelegde vormgevingserfgoed geen model heeft aangetroffen dat overeenstemt met het Moose-Model en dat dateert van vóór de datum van inschrijving van het Moose-Model. Dat maakt, voorshands oordelend, dat het Model voldoet aan het nieuwheidsvereiste.
Het model heeft een eigen karakter
4.15.
Het eigen karakter van het model moet niet worden beoordeeld aan de hand van een combinatie van afzonderlijke kenmerken van meerdere oudere modellen, maar aan de hand van één of meer individueel beschouwde oudere modellen [6] .
4.16.
Uit het door UP overgelegde vormgevingserfgoed, zeker wanneer dit wordt bezien in samenhang met de overgelegde ongedateerde potjes, blijkt dat er sprake is van een vol ontwerpveld, zodat kleine verschillen in vormgeving al voor een andere algemene indruk kunnen zorgen. Bij de vormgeving van het Moose-Model zijn – zoals hiervoor al is overwogen – ontwerpkeuzes gemaakt die niet worden teruggevonden in het overgelegde vormgevingserfgoed. Deze ontwerpkeuzes vertalen zich naar voorlopig oordeel onder meer in een wat betreft lengte en bolling afwijkende vormgeving van de buitenpot. De combinatie van de binnen- en de buitenpot kent - afzonderlijk beschouwd en als geheel - een evenwijdige belijning, waarin onder meer de verhouding tussen de potjes en het deksel, waarop Moose c.s. heeft gewezen, een karakteristieke vorm aan het Moose-Model geven. De genoemde elementen wijken af van het vormgevingserfgoed en geven het Moose-Model naar voorlopig oordeel een eigen karakter.
Conclusie ten aanzien van de geldigheid van het Model
4.17.
De voorzieningenrechter komt op grond van voorgaande overwegingen tot het voorlopige oordeel dat het Moose-Model geldig is. Dit betekent dat er – anders dan door UP is betoogd – geen sprake is van een serieuze, niet te verwaarlozen kans dat het Moose-Model de door UP bij het EUIPO ingestelde geldigheidsactie niet zal overleven.
Beoordelingskader modelrecht-inbreuk
4.18.
Daarmee komt de rechtbank toe aan de beoordeling van de vraag of de Glossy Goo-producten van UP binnen de reikwijdte vallen van de aan het Moose-Model te ontlenen bescherming.
4.19.
Bij beoordeling van de gestelde inbreuk moet het volgende in aanmerking worden genomen. Volgens artikel 10 lid 1 UModVo Pro omvat de beschermingsomvang van een Gemeenschapsmodel elk model dat bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekt. Volgens lid 2 wordt bij het beoordelen van de draagwijdte van de bescherming rekening gehouden met de mate van vrijheid van de ontwerper bij de ontwikkeling van het model. Bij de vergelijking is het model zoals ingeschreven in beginsel maatgevend voor de beschermingsomvang. Bij de beoordeling van de algemene indruk die door de betreffende modellen wordt gewekt, kunnen de daadwerkelijk verhandelde voortbrengselen in aanmerking worden genomen voor zover dit een bevestiging oplevert van wat uit het model zoals ingeschreven blijkt, dus enkel ter verduidelijking, om al eerder getrokken conclusies te bevestigen. [7] Tussen de beantwoording van de vragen of een model geldig is en wat de beschermingsomvang daarvan is, bestaat in die zin een verband dat, indien vaststaat dat een model geldig is, de beschermingsomvang daarvan (i) afhankelijk is van de afstand die bestaat tussen het model en eerdere soortgelijke modellen, en (ii) ten opzichte van latere modellen niet groter is dan de afstand die bestaat tussen het model en eerdere soortgelijke modellen. [8]
Het vormgevingserfgoed en de beschermingsomvang van het GUI GUI-potje
4.20.
Bij de beoordeling van de beschermingsomvang stelt de voorzieningenrechter voorop dat de inhoud van de inschrijving als geheel - voor de geïnformeerde gebruiker, zoals deze hierboven nader is gedefinieerd in r.o.
Fout! Verwijzingsbron niet gevonden., die het register raadpleegt - de algemene indruk bepaalt, en daarmee de beschermingsomvang van het model. [9]
4.21.
De voorzieningenrechter oordeelt voorshands dat een ontwerper van Moose c.s. een ruime mate van ontwerpvrijheid heeft, gelet op het door UP overgelegde vormgevingserfgoed in samenhang bezien met de ongedateerde afbeeldingen. De ongedateerde afbeeldingen worden weliswaar niet betrokken bij de vergelijking, aangezien onbekend is of zij ouder zijn dan het ontwerp van Moose c.s., maar deze geven voorshands een indicatie van het ontwerpveld waarbinnen Moose c.s. zich beweegt. De voorzieningenrechter is op basis van dit vormgevingserfgoed van oordeel dat een ontwerper vele vormen ter beschikking staan voor een potje voor
slimeof enig ander zacht, ‘smeuïg’, product. Ook potjes die ontworpen zijn voor cosmetica komen daarbij in aanmerking. In het licht van het vormgevingserfgoed heeft de ontwerper van de GUI GUI-potjes echter in beperkte mate van die vrijheid gebruik gemaakt, hetgeen de beschermingsomvang van het Moose-Model beperkt.
4.22.
Nu Moose c.s. er bovendien voor heeft gekozen om het Moose-Model te deponeren in zwart-wit, betekent dit dat de door Moose c.s. genoemde kenmerken c en d niet in de beoordeling kunnen worden betrokken. Deze kenmerken verwijzen immers naar de kleur van de GUI GUI-potjes (de uitvoeringsvorm) en niet naar het Moose-Model (zoals ingeschreven). Ook kenmerk b, de ‘matte’, half-doorzichtige aard van de buitenpot, valt niet (voldoende) in het modeldepot terug te zien. Blijven in de vergelijking over de kenmerken a en e. Ook dit beperkt de beschermingsomvang van het Moose-Model.
4.23.
De voor de beschermingsomvang bepalende kenmerken betreffen zodoende een constructie van een binnen- en buitenpot (kenmerk a) en specifieke verhoudingen tussen het formaat van de binnen- en buitenpot en het deksel (kenmerk e). De voorzieningenrechter voegt daaraan het kenmerk toe van de combinatie van de rechte wand van de buitenpot met de afronding van de buitenpot aan de onderzijde. Naar voorlopig oordeel zijn deze kenmerken weliswaar terug te vinden in het vormgevingserfgoed, maar zijn zij niet alle in één model terug te vinden in het vormgevingserfgoed zoals dit door UP is overgelegd. De in acht te nemen beschermingsomvang van het Moose-Model is daarmee beperkt tot (vrijwel) identieke ontwerpen.
De Glossy Goo-potjes maken inbreuk op het Moose-Model
4.24.
Nu geoordeeld is dat het Moose-Model geldig is en de beschermingsomvang is vastgesteld, komt de voorzieningenrechter toe aan de vraag of de Glossy Goo-producten inbreuk maken op het Moose-Model. Naar voorlopig oordeel is dit het geval, waartoe het volgende redengevend is.
4.25.
Moose c.s. heeft de volgende vergelijking overgelegd van het Moose-Model met de Glossy Goo -producten:
4.26.
De algemene indruk zoals die wordt bepaald door de al genoemde kenmerken van het Moose-Model (zie r.o. 4.9 en 4.10) verschilt niet van de algemene indruk van de Glossy Goo-producten. Ook de Glossy Goo-producten worden gekenmerkt door een binnen- en een buitenpot, waarbij de buitenpot transparant is en de binnenpot een daarvan afwijkende kleurstelling heeft (waarbij de specifieke kleur, zoals al eerder overwogen niet van belang is). Ook wordt de buitenpot van de Glossy Goo-producten gekenmerkt door dezelfde combinatie als in het Moose-Model van een rechte buitenpot met een afronding aan de onderkant van die buitenpot. De verhouding tussen het deksel en de binnen- en/of buitenpot van de Glossy Goo-producten wijkt al evenmin noemenswaardig af. Daaraan doet naar voorlopig oordeel niet af dat het Moose-Model uit 4 losse onderdelen bestaat en het potje van UP uit 3, zoals UP heeft opgeworpen. Deze en andere kleine, onopmerkelijke verschillen maken niet dat het potje van UP een andere algemene indruk maakt dan het Moose-Model.
4.27.
UP heeft nog opgeworpen dat het Glossy Goo-potje het resultaat is van een zelfstandig ontwerpproces en dat zij en Moose c.s. zich eenvoudigweg hebben laten inspireren door dezelfde speelgoed/cosmetica trend. Naar voorlopig oordeel valt dit niet uit te sluiten, maar wat daar ook van zij, nu Moose c.s. zich kan beroepen op een geldig modelrecht is het aan UP om haar producten voldoende van het Moose-Model af te laten wijken. De voorzieningenrechter oordeelt daarom voorshands dat de vorderingen van Moose c.s. op grond van het hem toekomende modelrecht voor toewijzing gereed liggen.
Geen inbreuk op de Merken door het teken Glossy Goo
4.28.
Van inbreuk in de zin van artikel 9 lid 2 aanhef Pro sub b UMVo, is sprake als het teken (in dit geval het teken Glossy Goo of het teken Go Go) gelijk is aan of overeenstemt met het merk (in dit geval het GUI GUI-merk en/of het GO GLOW-merk) en wordt gebruikt met betrekking tot waren of diensten die gelijk zijn aan- of overeenstemmen met de waren of diensten waarvoor het merk is ingeschreven, indien daardoor bij het in aanmerking komende publiek van de desbetreffende waren of diensten (directe of indirecte) verwarring kan ontstaan. Daartoe dient eerst te worden beoordeeld in hoeverre sprake is van visuele, auditieve en/of begripsmatige overeenstemming tussen het merk zoals dat is ingeschreven en het teken zoals dat wordt gebruikt. Deze vergelijking is gebaseerd op de totaalindruk die het merk en het teken in het geheugen van het relevante publiek achterlaten, waarbij in het bijzonder rekening moet worden gehouden met de onderscheidende en dominante bestanddelen. In deze fase wordt geen rekening gehouden met de omstandigheden waaronder de waren of diensten in de handel worden gebracht.
4.29.
Als sprake is van (een zekere mate van) overeenstemming, wordt vervolgens het verwarringsgevaar globaal beoordeeld, waarbij alle omstandigheden van het geval in aanmerking worden genomen, waaronder de mate van overeenstemming tussen het merk en het teken, de mate van soortgelijkheid van de betrokken waren of diensten, de onderscheidingskracht van het merk, de perceptie van het relevante publiek en de wijze waarop het merk en het teken in de praktijk worden gebruikt. Er moet sprake zijn van reëel verwarringsgevaar bij de gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone consument van de betrokken waren of diensten. Er dient evenwel rekening mee te worden gehouden dat de gemiddelde consument slechts zelden de mogelijkheid heeft verschillende merken en/of tekens rechtstreeks met elkaar te vergelijken, maar aanhaakt bij het onvolmaakte beeld dat bij hem is achtergebleven. Bovendien kan het aandachtsniveau van de gemiddelde consument variëren naargelang de aard van de betrokken producten. [10]
Overeenstemming tussen de Merken en de tekens
4.30.
De voorzieningenrechter oordeelt voorshands dat de tekens Glossy Goo en/of Go Go in visueel opzicht geen- en in auditief opzicht geringe overeenstemming vertonen met de Merken. Begripsmatig is er een beperkte mate van overeenstemming, die onvoldoende is om het overige gebrek aan overeenstemming te compenseren. Dit voorlopig oordeel wordt als volgt toegelicht.
4.31.
In visueel opzicht heeft het merk GUI GUI en het teken Glossy Goo uitsluitend de beginletter ‘g’ gemeen. Dit is onvoldoende om van overeenstemming te kunnen spreken. Auditief is de overeenstemming eveneens gering. Wat betreft het merk GUI GUI zal het dubbele woord ‘gui’, uitgesproken in het Engels zoals dit volgens beide partijen de bedoeling is, klinken als ‘khoe-ie khoe-ie’, of ‘ghoe-ie ghoe-ie’; en de woorden ‘glossy goo’ als ‘ghlossie ghoe’ of ‘khlossie khoe’. Alleen de klank ‘ghoe’ komt zodoende (deels) overeen. Merk en teken kennen bovendien een verschillend aantal lettergrepen (respectievelijk 4 en 3), en het merk kent een klankherhaling waar het teken juist allereerst een dominant bestanddeel ‘glossy’ heeft en daarna een minder opvallend deel ‘goo’. De visuele en auditieve overeenkomst tussen het merk GUI GUI en het teken Glossy Goo wordt daarom voorshands zeer gering geacht.
4.32.
Begripsmatig stemmen het merk GUI GUI en het teken Glossy Goo beperkt overeen. Het GUI GUI-merk en het Glossy goo-teken zijn bedoeld om potjes met ‘slime’ mee aan te duiden en verwijzen daarbij naar het Engelse woord ‘goo’. Naar voorlopig oordeel zal de gemiddelde consument het GUI GUI-merk en het Glossy Goo-teken opvatten als een verwijzing naar ‘smurrie’, ‘kleverig spul’ of ‘slijm’ (
goo), en meer specifiek naar ‘slijmerig’ of ‘kleverig’ (
gooey). Het Glossy Goo-teken onderscheidt zich daarbij begripsmatig duidelijk van het GUI GUI-merk, nu de toevoeging ‘glossy’ (Engels voor ‘glanzend’) de
slimevan UP een eigen karakter meegeeft: het product van UP betreft ‘glanzende smurrie’ of ‘glanzend kleverig spul’ en niet slechts ‘smurrie smurrie’ of ‘kleverig kleverig’ zoals het product van Moose c.s.. De conclusie luidt daarom voorshands dat de geringe begripsmatige overeenstemming tussen het GUI GUI-merk en het Glossy Goo-teken onvoldoende is om de eveneens geringe mate van visuele en auditieve overeenkomst te compenseren, zodat geen sprake is van merkinbreuk door het Glossy Goo-teken.
4.33.
In de vergelijking van het GUI GUI-merk met het Go Go-teken geldt eveneens dat beide slechts de beginletter gemeen hebben. De visuele overeenkomst is daarmee (zeer) gering. In auditief opzicht is er geen overeenkomst, aangezien de ‘ui’-klank in GUI GUI wordt uitgesproken als ‘oeh-ie’, en de ‘o’-klank in Go Go wordt uitgesproken als een langgerekte ‘oooh’-klank. Begripsmatig is er geen overeenkomst tussen ‘gooey’ (slijmerig, kleverig) en ‘go’ (gaan). Zodoende is er evenmin sprake van inbreuk op het GUI GUI-merk door gebruik van het teken Go Go.
4.34.
Dit geldt niet anders voor de vergelijking van het merk GO GLOW van Moose c.s. en de tekens Glossy Goo en/of Go Go van UP. In het midden kan blijven of de ingeschreven warenklassen voor GO GLOW ook gebruik van het teken Glossy Goo en/of Go Go voor een
slime-product bestrijken. Het merk GO GLOW heeft in visueel en auditief opzicht beperkte overeenkomst met de tekens, afgezien van de letters ‘g’ en de ‘o’: de o in GO GLOW en Go Go wordt uitgesproken als een langgerekte ‘oooh’-klank. Het Engelse ‘Go glow’ laat zich vertalen als ‘ga gloeien’. Naar voorlopig oordeel valt niet in te zien welke begripsmatige overeenkomst er bestaat tussen ‘ga gloeien’ (
go glow) en ‘glanzende smurrie (
glossy goo) en/of ‘ga ga’ (
go go). Voorshands oordelend is er daarmee geen visuele-, auditieve- en/of begripsmatige overeenstemming tussen het GO GLOW-merk en het teken Glossy Goo en/of Go Go, zodat de tekens van UP ook geen inbreuk maken op het merk GO GLOW.
4.35.
De slotsom luidt dat naar voorlopig oordeel UP met het teken Glossy Goo en/of het teken Go Go geen inbreuk maakt op de merkrechten van Moose c.s.. De op de merkrechten gebaseerde vorderingen zullen worden afgewezen.
Andere grondslagen voor de vorderingen van Moose c.s.
4.36.
Omdat de vorderingen van Moose c.s. op grond van het modelrecht zullen worden toegewezen, behoeven de overige door Moose c.s. aangevoerde grondslagen en door UP aangevoerde weren geen bespreking.
Vorderingen
4.37.
De vordering tot opgave door UP van bepaalde bedrijfsgegevens met betrekking tot de inbreuk op de modelrechten van Moose c.s. zal worden toegewezen voor zover die opgave betrekking heeft op het vaststellen van de omvang van de inbreuk. Voor zover de opgavevordering betrekking heeft op in- en verkoopprijzen en/of omzet- en winstgegevens zal de vordering worden afgewezen, omdat deze gegevens betrekking hebben op een eventuele door UP aan Moose c.s. te betalen vergoeding waarvoor echter in kort geding geen plaats is, één en ander zoals nader in het dictum verwoord.
4.38.
De vordering tot het verzenden door UP van brieven teneinde de inbreukmakende producten terug te halen bij tussenleveranciers en/of professionele afnemers (een zogenaamde ‘recall’) zal in gewijzigde vorm worden toegewezen. De vordering van Moose c.s. tot het plaatsen van een rectificatie op de website van UP zal worden afgewezen, omdat niet valt in te zien welk (spoedeisend) belang Moose c.s. daarbij heeft naast toewijzing van een verbod en de recall. De vordering tot afgifte van de zich nog bij UP bevindende inbreukmakende potjes (de Glossy Goo-producten) zal worden toegewezen zoals gevorderd.
4.39.
UP voert verweer op de hoogte van de gevorderde dwangsommen. De
hoogte van de gevorderde dwangsom staat in geen enkele verhouding tot de aard en ernst van de beweerdelijk gestelde inbreuk, de omvang van de (eventuele) schade, en het economisch belang aan de zijde van Moose c.s., aldus UP. In het licht hiervan had het op de weg van Moose c.s. gelegen zijn vorderingen nader te onderbouwen, hetgeen niet is gebeurd. De gevorderde dwangsommen zullen daarom door de voorzieningenrechter worden gematigd en gemaximeerd, één en ander zoals nader in het dictum verwoord.
Proceskosten
4.40.
UP zal, als de overwegend in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten van Moose c.s.. Het partijdebat heeft zich voornamelijk afgespeeld op grond van de Intellectuele Eigendomsrechten (IE) van Moose c.s., waarbij in het partijdebat de subsidiair aangevoerde stellingen van Moose c.s. over onrechtmatige daad een te geringe bijdrage hadden. Gelet hierop zal de voorzieningenrechter bij de begroting van de proceskosten het aandeel van deze procedure dat niet ziet op de handhaving van rechten van IE op nihil begroten.
4.41.
Moose c.s. hebben hun kosten gespecificeerd op in totaal € 46.079,50. Om de redelijkheid en evenredigheid van de opgevoerde kosten te kunnen beoordelen, wordt aansluiting gezocht bij de Indicatietarieven in IE-zaken (versie februari 2026). De daarin vermelde tarieven worden geacht redelijk en evenredig te zijn. De onderhavige zaak valt naar het oordeel van de rechtbank onder de categorie ‘normaal kort geding’ met een maximumtarief van € 18.000. Omdat de declaraties van Moose c.s. hoger zijn dan het maximumtarief, komen zij tot dit maximum voor toewijzing in aanmerking.
4.42.
Nakosten behoren tot de proceskosten. De nakosten worden altijd toegewezen, ook als deze niet expliciet zijn gevorderd. De nakosten worden begroot op het bedrag genoemd in het liquidatietarief civiel (per 1 februari 2026 een bedrag van € 189 zonder betekening). Dit bedrag wordt onvoorwaardelijk toegewezen. In geval van betekening wordt een extra component aan salaris (per 1 februari 2026 een bedrag van € 96 extra) en de explootkosten van betekening toegekend. Deze kosten worden voorwaardelijk toegekend, te weten als de veroordeelde niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden.
4.43.
Het toe te wijzen bedrag wordt vermeerderd met het griffierecht van € 735 en de kosten van de dagvaarding van € 155,76, waarmee het totaalbedrag dat UP aan Moose c.s. dient te vergoeden uitkomt op (€ 18.000 + 735 + 155,76 + 189 =) € 19.079,76.
4.44.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
beveelt UP om binnen 48 uur na betekening van het vonnis iedere inbreuk op de modelrechten van Moose in de gehele Europese Unie te staken en gestaakt te houden, meer in het bijzonder te staken en gestaakt te houden het verkopen, aanbieden (zoals maar niet beperkt tot verkoop en aanbieding via internet en in winkels), invoeren, uitvoeren of anderszins in het verkeer brengen van de Glossy Goo-producten en/of de Glossy Goo XL Producten;
5.2.
beveelt UP om binnen 14 dagen na betekening van het vonnis aan de advocaten van Moose c.s. schriftelijk en met alle daarop betrekking hebbende bescheiden (waaronder begrepen in- en verkoopfacturen) gestaafde opgave te doen van:
( a) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die bij UP, dan wel bij enige aan haar gelieerde (rechts)persoon per de datum van het vonnis aanwezig zijn of (indirect) in voorraad worden gehouden;
( b) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die UP, dan wel enig aan haar gelieerde (rechts)persoon heeft ingekocht dan wel vervaardigd of heeft doen inkopen dan wel heeft doen vervaardigen;
( c) de totale hoeveelheid inbreukmakende producten die UP, dan wel enig aan haar gelieerde (rechts)persoon heeft verkocht;
( d) de volledige namen en adressen van alle bij de verhandelingen en vervaardiging van de inbreukmakende producten betrokken (rechts)personen (waaronder de namen en adressen van alle leveranciers en producenten), als ook de namen en adressen van professionele afnemers aan welke de inbreukmakende producten zijn geleverd;
5.3.
beveelt UP om binnen vijf werkdagen na betekening van het vonnis op haar eigen kosten brieven te versturen (zowel per aangetekende post als per email) aan alle partijen die onder 5.2 (d) vallen, te verzenden op het normale briefpapier van UP, waarin, los van adressering en afsluiting, uitsluitend de volgende tekst is opgenomen, in een duidelijk en voldoende groot en leesbaar lettertype, zonder enig commentaar en zonder dat op enige manier aan het doel en/of de strekking van de brief afbreuk wordt gedaan:
“IMPORTANT ANNOUNCEMENT concerning the Glossy Goo products and
Glossy Goo XL products
UP International has offered for sale the Glossy Goo beauty putty and the Glossy Goo beauty putty XL. Those products constitute an infringement on the intellectual property rights resting on the GUI GUI products as made by Moose Creative Management Pty Limited.
We request you to return to us any remaining products of the Glossy Goo
products and/or the Glossy Goo XL products that are in your possession
immediately. We will reimburse the purchase price for the product(s) returned as
well as any costs involved for such return.
We further point out that further commercial use of the Glossy Goo products
and/or the Glossy Goo XL products infringes the intellectual property rights of
Moose Creative Management Pty Limited. You may be directly sued at law for any
such use.
UP International B.V.”
en
gelijktijdig aan de advocaten van Moose c.s. kopieën van deze brieven en e-mails toe te
zenden, een en ander telkens per geadresseerde per brief, inclusief de bewijzen van de
aangetekende post en verzending van deze e-mails, vergezeld van een lijst van namen en
adressen aan wie deze brief en e-mail is verstuurd, en de vervolgcorrespondentie met deze
geadresseerden tevens door te sturen naar de advocaten van Moose c.s.;
5.4.
veroordeelt UP om binnen vier weken na betekening van het vonnis de bij haar in voorraad zijnde, alsnog in haar bezit komende en/of de door haar afnemers geretourneerde inbreukmakende/onrechtmatige exemplaren van de Glossy Goo Producten en de Glossy Goo XL Producten - tot het moment dat tussen partijen een onherroepelijk oordeel is gegeven door een Nederlandse rechter - in bewaring te geven bij een gerechtelijk bewaarder onder toezicht van een deurwaarder, en met de verplichting om een proces-verbaal van het in bewaring geven binnen drie werkdagen na het in bewaring geven aan de advocaten van Moose c.s. toe te zenden, waarin een opgave wordt gedaan van de aantallen producten, alsmede van afbeeldingen van de producten;
5.5.
veroordeelt UP tot betaling van een dwangsom van € 10.000 per keer dat de
bevelen genoemd onder 5.1 tot en met 5.4 niet worden nagekomen, te vermeerderen met € 10.000,- voor iedere dag — een gedeelte van een dag tot een gehele gerekend — dat de overtreding dan wel niet-nakoming voortduurt, een en ander met een maximum van € 1.000.000;
5.6.
veroordeelt UP in de proceskosten van € 19.079,76, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over dit bedrag met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling, en te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als UP niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.7.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
5.8.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.F.R. van Heemstra, rechter, bijgestaan door mr. E.E. de Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2026.

Voetnoten

1.European Union Intellectual Property Office.
2.Verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake het Uniemerk​.
3.Verordening (EG) nr. 6/2002 van de Raad van 12 december 2001 betreffende Uniemodellen (Uniemodellenverordening).
4.Burgerlijk Wetboek.
5.HvJ EU 20 oktober 2011, C-281/10 P (PepsiCo & Grupo Promer/BHIM), r.o. 53 en 55.
6.HvJ EU 19 juni 2014, C345/13 (Karen Millen), r.o. 23 t/m 25 en 35.
7.HvJ EU 20 oktober 2011, ECLI:EU:C:2011:679, C-281/10 P, (PepsiCo & Grupo Promer/BHIM) (hierna: PepsiCo-arrest), r.o. 73 en Gerechtshof Den Haag 13 augustus 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:3356 (Bang & Olufsen/Loewe), r.o. 15.
8.Hoge Raad, 31 mei 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1983 (Apple/Samsung), r.o. 4.3.
9.Vgl. Hof Den Haag 13 augustus 2013, ECLI:NL:GHDHA:2013:3356 (Bang & Olufsen/Loewe).
10.HvJ 4 maart 2020, C 328/18 P, ECLI:EU:C:2020:156 (EUIPO / Equivalenza Manufactory) en de daarin genoemde oudere rechtspraak