Op 17 november 2025 heeft de verdachte te Gouda winkelgoederen van een supermarkt weggenomen met het oogmerk deze wederrechtelijk toe te eigenen. De rechtbank Den Haag heeft op 27 januari 2026 het feit wettig en overtuigend bewezen verklaard. De verdachte, zonder bekende verblijfplaats in Nederland en met een strafblad van soortgelijke feiten, werd geconfronteerd met een vordering tot oplegging van een ISD-maatregel.
De reclassering adviseerde de ISD-maatregel vanwege het hoge recidiverisico en het alcoholgebruik van de verdachte, maar dit advies was gebaseerd op een rapport zonder directe communicatie met de verdachte. De verdachte gaf aan direct terug te keren naar Polen na vrijlating, wat door de rechtbank als een kans werd gezien om zijn situatie te verbeteren.
De rechtbank besloot daarom geen ISD-maatregel op te leggen, maar veroordeelde de verdachte tot 60 dagen gevangenisstraf, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering werd gebracht. De straf is passend geacht gezien de ernst van het feit, het strafblad en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.