Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], [V-nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- de problemen vanwege [naam].
5. Verweerder heeft zich op goede gronden op het standpunt gesteld dat eiser geen gegronde vrees voor vervolging heeft. Verweerder heeft hierbij mogen betrekken dat eiser de vrees voor de drie mannen (omdat eiser denkt dat zij wraak op eiser willen nemen omdat zij denken dat eiser het Assad regime steunde) niet aannemelijk heeft gemaakt. Eiser heeft immers sinds 2016 niks meer van deze mannen vernomen, is in 2023 nog teruggekeerd naar Syrië en heeft hier toen nog een half jaar gewoond. Ook woont eisers gezin nog altijd in [provincie]. Zij zijn nog nooit benaderd door deze mannen. Het is onduidelijk waarom deze mannen eiser nog zouden lastig vallen of eiser iets aan zouden willen doen. Ook heeft verweerder erop kunnen wijzen dat uit de eerdere interacties met deze mannen niet volgt dat zij eiser wilden vermoorden. Ten aanzien van de problemen bij checkpoints, heeft verweerder erop kunnen wijzen dat [naam] juist een opposant was van het regime van Assad, waardoor niet wordt ingezien dat eiser problemen zal krijgen bij checkpoints met het huidige regime.
Voor zover eiser heeft aangevoerd dat hij een verhoogd risico loopt vanwege de problemen vanwege [naam], is van belang dat deze omstandigheden verband houden met een vrees voor gericht geweld in plaats van een verhoogd risico op willekeurig geweld. De rechtbank heeft onder 5. al overwogen dat verweerder heeft kunnen concluderen dat eiser op grond hiervan geen gegronde vrees voor vervolging heeft.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.868,-.