ECLI:NL:RBDHA:2026:12308
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij intrekking bestreden besluit
Eiseres, een bijstandsgerechtigde die deelnam aan een re-integratietraject, maakte melding van grensoverschrijdend gedrag en meldde zich ziek voor het traject. Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn besloot op 26 april 2024 dat zij het traject moest hervatten. Dit besluit werd op 2 juli 2024 bestreden en het bezwaar ongegrond verklaard.
Later trok het college op 23 december 2024 zowel het bestreden besluit als het eerdere besluit in, naar aanleiding van een sociaal medisch advies van een GGD-arts die eiseres niet arbeidsgeschikt achtte. Ondanks deze intrekking bleef eiseres het beroep voortzetten, stellende dat haar meldingen niet serieus werden genomen en dat zij schade had geleden door de werkwijze van haar klantmanager.
De rechtbank oordeelt dat het ontbreken van procesbelang volgt uit de intrekking van de besluiten, waardoor eiseres geen gunstige beslissing meer kan bereiken. Klachten over de gang van zaken en verzoeken om immateriële schadevergoeding zijn onvoldoende om ontvankelijkheid te rechtvaardigen. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na intrekking van het bestreden besluit.