ECLI:NL:RBDHA:2026:12265
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.F.R. van Heemstra
- Rechtspraak.nl
Verbetering proceskostenveroordeling in intellectueel eigendomsrechtelijke zaak Volkswagen
Volkswagen heeft de rechtbank verzocht om verbetering van het verstekvonnis van 11 februari 2026, omdat de proceskosten abusievelijk niet waren toegewezen. De rechtbank oordeelt dat sprake is van een kennelijke fout die eenvoudig kan worden hersteld, aangezien de proceskosten wel degelijk gespecificeerd waren in de dagvaarding.
De rechtbank past bij de verbetering het indicatietarief toe voor intellectuele eigendomszaken, waarbij zij de zaak kwalificeert als een eenvoudige bodemzaak. Gezien het ontbreken van verweer en zitting acht de rechtbank toewijzing van de helft van het maximumtarief van €9.600,- redelijk, zijnde €4.800,-. Dit bedrag wordt verhoogd met griffierecht, dagvaardingskosten en nakosten, wat leidt tot een totaal van €5.812,78.
De eerdere proceskostenbegroting van €1.533,78 wordt daarmee vervangen. De rechtbank beveelt tevens dat deze verbetering wordt opgenomen in de minuut van het oorspronkelijke vonnis en dat de grosse van het vonnis wordt teruggestuurd aan de griffie. Het vonnis is gewezen door mr. H.F.R. van Heemstra en op 8 april 2026 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt het verstekvonnis en veroordeelt [gedaagde] tot betaling van €5.812,78 aan proceskosten aan Volkswagen.