Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag. Inmiddels heeft de minister van Asiel en Migratie de aanvraag op 19 februari 2026 ingewilligd, waardoor het beroep tegen het niet tijdig beslissen zijn doel heeft verloren en eiser geen procesbelang meer heeft.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk. Desondanks veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiser, omdat eiser door het niet tijdig beslissen wel gerechtigd was om beroep in te stellen. De proceskostenvergoeding wordt vastgesteld op €467, gebaseerd op een lichtwegingsfactor.
De rechtbank overweegt verder dat de beslistermijn voor asielaanvragen zes maanden bedraagt en dat een verlenging van negen maanden onvoldoende is gemotiveerd. Indien de minister nog geen besluit had genomen, zou de rechtbank een termijn van twee weken stellen waarbinnen dit alsnog moet gebeuren, met een rechterlijke dwangsom bij overschrijding.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 12 mei 2026 door rechter M.L. Weerkamp. Partijen kunnen binnen zes weken verzetschrift indienen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard, met veroordeling van de minister in de proceskosten van €467.