Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:12063

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 april 2026
Publicatiedatum
17 mei 2026
Zaaknummer
C/09/670016 / FA RK 24-5340
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging zorgregeling en aanhouding beslissing contact en vakanties kinderen

De rechtbank Den Haag behandelde het verzoek van de vader tot wijziging van de zorgregeling voor zijn minderjarige kinderen. Eerder was gezamenlijk gezag vastgesteld en een voorlopige zorgregeling getroffen, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming een onderzoek en advies uitbracht.

De Raad bracht ernstige zorgen naar voren over het functioneren van de ouders en de impact daarvan op de kinderen, met name over het geestelijk welzijn van de vader en vermoedelijk fysiek geweld. De Raad adviseerde begeleide overdrachtsmomenten en begeleid contact tussen vader en kinderen, waarbij Jeugdbescherming West mandaat krijgt om maatwerk te leveren.

De kinderen zijn onder toezicht gesteld van Jeugdbescherming West tot 7 juli 2026. De vader heeft tot op heden geen persoonlijk contact met de jeugdbeschermer gehad, waardoor contactherstel nog niet mogelijk was. De rechtbank bepaalt dat het contact begeleid en onder regie van Jeugdbescherming West hersteld moet worden, mits de vader contact opneemt en afspraken nakomt.

Verder worden beslissingen over zorgregeling, vakanties en informatie- en consultatieregeling aangehouden tot 15 juli 2026. Indien verlenging van de ondertoezichtstelling wordt verzocht, worden alle verzoeken gecombineerd behandeld. Zo niet, dan wordt een verslag over het contactverloop gevraagd.

Uitkomst: De rechtbank bepaalt dat het contact tussen vader en kinderen begeleid en onder regie van Jeugdbescherming West hersteld wordt en houdt verdere beslissingen aan tot 15 juli 2026.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 24-5340
Zaaknummer: C/09/670016
Datum beschikking: 16 april 2026

Gezag, verdeling van de zorg- en opvoedingstaken c.q. omgang

Beschikking op het op 24 juli 2024 ingekomen verzoekschrift van:

[de vader]

,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. D. Vurdelja in ’s-Gravenhage .
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder]

,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

Bij beschikking van 17 maart 2025 van deze rechtbank is bepaald dat de vader voortaan gezamenlijk met de moeder het gezag zal toekomen over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Daarnaast is een voorlopige zorgregeling vastgesteld en de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) verzocht een onderzoek te verrichten en de rechtbank te rapporteren en adviseren.
De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook:
- het rapport en advies van de Raad van 13 juni 2025, kenmerk SK-1-63Q6Z3J;
- het F9-formulier van 4 september 2025 van de zijde van de vader.
Op 19 maart 2025 is de behandeling op de zitting voortgezet. Hierbij zijn verschenen:
  • de advocaat van de vader;
  • [naam 1] , namens de Raad voor de Kinderbescherming;
  • [naam 2] , namens Jeugdbescherming West.
Beide ouders zijn, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

Beoordeling

De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.
Raadrapport
De raad adviseert de beslissing ten aanzien van de zorgregeling aan te houden. Uit het onderzoek komen grote zorgen naar voren om het functioneren van de ouders en de invloed hiervan op de kinderen en de opvoedsituaties. De overdrachtsmomenten zijn in het verleden ook niet zonder conflicten verlopen. De Raad vindt het daarom belangrijk dat in ieder geval de overdrachtsmomenten begeleid plaatsvinden, zodat de ouders elkaar niet hoeven te treffen. Gezien de zorgen om het geestelijk welzijn van vader en het feit dat uit de kindgesprekken blijkt dat hij vaker fysiek geweld zou gebruiken, is de Raad van mening dat de contacten tussen de vader en de kinderen in eerste instantie ook begeleid moeten plaatsvinden. De Raad adviseert de rechtbank om de frequentie van het contact, eventuele uitbreiding maar ook als Jeugdbescherming West meent dat begeleiding niet langer nodig is, Jeugdbescherming West het mandaat te geven hierin maatwerk te leveren in het belang van de kinderen. Ook een beslissing ten aanzien van de verdeling van de vakanties zou volgens de Raad moeten worden aangehouden.
Inhoudelijke beoordeling
Gebleken is dat de kinderen inmiddels onder toezicht zijn gesteld van Jeugdbescherming West. De ondertoezichtstelling loopt van 7 juli 2025 tot 7 juli 2026. Op de zitting is gebleken dat de jeugdbeschermer inmiddels in contact is gekomen met de moeder en de kinderen. Het is de jeugdbeschermer tot op heden nog niet gelukt om te vader te ontmoeten, er is enkel telefonisch contact met hem geweest. Hierdoor is het ook nog niet mogelijk geweest om te werken aan contactherstel tussen de vader en de kinderen. De kinderen hebben de vader inmiddels al geruime tijd niet meer gezien. Op de zitting is daarom besproken dat het verstandig is om, zoals de Raad ook adviseert, het contact in ieder geval begeleid op te starten. De rechtbank zal bepalen dat het contact tussen de vader en de kinderen begeleid dient te worden hersteld en onder regie van Jeugdbescherming West. Hiervoor is het echter wel nodig dat de vader contact opneemt met de jeugdbeschermer en ook verschijnt op de gemaakte afspraken. Omdat dit tot nu toe nog niet is gelukt en de ondertoezichtstelling op dit moment nog loopt tot 7 juli 2026, zal de rechtbank de vader de gelegenheid bieden om voor die tijd contact op te nemen met de jeugdbeschermer. De rechtbank zal daarom iedere verdere beslissing ten aanzien van de zorgregeling en de verdeling van de vakanties aanhouden tot 15 juli 2026. Indien Jeugdbescherming West een verzoek doet om de ondertoezichtstelling te verlengen, zullen de nog voorliggende verzoeken alsook het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling gecombineerd worden behandeld. Indien Jeugdbescherming West geen aanleiding ziet om verlenging van de ondertoezichtstelling te verzoeken, zullen enkel de nog voorliggende verzoeken worden behandeld. In dat geval verzoekt de rechtbank Jeugdbescherming West naar de rechtbank een verslag te sturen van het verloop van (het hervatten van) het contact tussen de vader en de kinderen.
Ook de verzoeken ten aanzien van de informatie- en consultatieregeling zullen worden aangehouden.

Beslissing

De rechtbank – met wijziging in zoverre van de beschikking van deze rechtbank van 17 maart 2025 –:
bepaalt dat het contact tussen de vader en de kinderen:
  • [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2018 in [plaats] ;
  • [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [plaats] ;
begeleid en onder regie van Jeugdbescherming West zal worden hersteld, waarbij Jeugdbescherming West zal bepalen wanneer en op welke wijze dit contact zal plaatsvinden;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
houdt iedere verdere beslissing over de zorg- en vakantieregeling en de informatie- en consultatieregeling aan tot
15 juli 2026 pro forma.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.C. Olland, kinderrechter, bijgestaan door
mr. N.C. Gantenbein als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 april 2026.