Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 20 september 2025 te 's-Gravenhage opzettelijk brand heeft gesticht en/of een ontploffing teweeg heeft gebracht, door een stuk vuurwerk te ontsteken, althans een brandbaar voorwerp in brand te steken, en dit in een politieauto (kenteken [kenteken] ) te leggen/gooien, terwijl daarvan gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten zich in die politieauto bevindende uitrusting en/of goederen (zware-/veiligheidsvesten, AED, afzetlint, drager, pionnen, CO-meter, zwemvesten, rugzak met inhoud) te duchten was;
hij op of omstreeks 20 september 2025 te 's-Gravenhage in de omgeving van het Malieveld en/of op/aan de Koekamplaan, in elk geval openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer goederen, te weten een politieauto (kenteken [kenteken] ), welk in vereniging gepleegde geweld bestond uit
- het gooien van harde voorwerpen tegen die politieauto,
- het slaan en/of trappen tegen die politieauto,
- het leggen/gooien van vuurwerk en/of een fakkel, althans brandende voorwerpen in die politieauto,
- het staan en/of springen op die politieauto,
- het omgooien van die politieauto.
3.De bewijsbeslissing
hij op 20 september 2025 te 's-Gravenhage een ontploffing teweeg heeft gebracht, door een stuk vuurwerk te ontsteken en dit in een politieauto (kenteken [kenteken] ) te leggen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten zich in die politieauto bevindende uitrusting en goederen (zware-/veiligheidsvesten, AED, afzetlint, drager, pionnen, CO-meter, zwemvesten, rugzak met inhoud) te duchten was;
hij op 20 september 2025 te 's-Gravenhage aan de Koekamplaan openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een goed, te weten een politieauto (kenteken [kenteken] ), welk in vereniging gepleegde geweld bestond uit
- het gooien van harde voorwerpen tegen die politieauto,
- het slaan en trappen tegen die politieauto,
- het leggen/gooien van vuurwerk en een fakkel in die politieauto,
- het staan op die politieauto,
en
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
12 (twaalf) MAANDEN;
gedeelte van die straf, groot 4 (vier) maanden, niet zal worden tenuitvoergelegdonder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;