Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:10795

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 maart 2026
Publicatiedatum
7 mei 2026
Zaaknummer
C/09/675829 / FA RK 24-8263
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:100 BWArt. 1:157 lid 6 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Echtscheiding met nevenvoorzieningen en verdeling huwelijksgemeenschap

Partijen zijn gehuwd sinds 2011 en hebben twee minderjarige kinderen. De rechtbank heeft op 23 december 2024 voorlopige voorzieningen getroffen met betrekking tot het gebruik van de echtelijke woning, de zorg voor de kinderen en voorlopige alimentatiebetalingen.

Tijdens de procedure bereikten partijen overeenstemming over de zorg voor de kinderen en legden dit vast in een ouderschapsplan. De vrouw verzocht om echtscheiding, partneralimentatie, huurrecht van de woning en verdeling van de huwelijksgemeenschap. De man stemde in met deze verzoeken en verzocht zelfstandig om echtscheiding.

De rechtbank oordeelt dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en wijst het verzoek tot echtscheiding toe. Het ouderschapsplan wordt opgenomen in de beschikking. De partneralimentatie wordt vastgesteld op € 25,- per maand met ingang van de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking. Het huurrecht van de woning wordt aan de vrouw toegekend.

De huwelijksgemeenschap wordt verdeeld volgens de wettelijke regels voor huwelijken gesloten voor 2018, waarbij de inboedel en persoonlijke spullen aan de vrouw worden toegewezen, de computer aan de man, en de schulden gelijkelijk worden verdeeld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad, met uitzondering van het uitspreken van de echtscheiding.

Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit, neemt het ouderschapsplan op, stelt partneralimentatie vast, kent het huurrecht toe en regelt de verdeling van de huwelijksgemeenschap met schuldenverdeling.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 24-8263
Zaaknummer: C/09/675829
Datum beschikking: 27 maart 2026

Echtscheiding met nevenvoorzieningen

Beschikking op het op 15 november 2024 ingekomen

verzoek ten aanzien van de echtscheiding, de hoofdverblijfplaats, de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en het huurrecht:

[de vrouw] ,

de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. L.T.C.M. Geurts in ’s-Gravenhage.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de man] ,

de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. J.W. Stok in Delft.
verzoek ten aanzien van de kinderalimentatie, de partneralimentatie en de verdeling van de huwelijksgemeenschap:

[bewindvoerder] , h.o.d.n. [handelsnaam] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,
in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen die (zullen) toebehoren aan:
[de vrouw] ,
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. L.T.C.M. Geurts in ’s-Gravenhage.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[bewindvoerder] , h.o.d.n. [handelsnaam] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,
in zijn hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen die (zullen) toebehoren aan:
[de man] ,
de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. J.W. Stok in Delft.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het bericht met bijlage van 21 november 2024 van de vrouw;
  • het verweerschrift tevens zelfstandige verzoek van de man;
  • het verweer van de vrouw tegen het zelfstandige verzoek van de man;
  • het bericht met bijlage van 26 november 2025 van de vrouw;
  • het bericht met bijlagen van 3 december 2025 van de vrouw;
  • de berichten van 4 december 2025 van de vrouw;
  • het bericht met bijlagen van 28 januari 2026 van de vrouw.
[minderjarige 1] en [minderjarige 2] zijn in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken, maar hebben daarvan geen gebruik gemaakt.
De advocaat van de vrouw heeft op 4 december 2025 laten weten dat partijen overeenstemming hebben bereikt ten aanzien van de kinderen en dat zij de overeengekomen afspraken hebben neergelegd in een ouderschapsplan. Deze overeenstemming is door de advocaat van de man op dezelfde dag bevestigd. Gelet op de door partijen bereikte overeenstemming heeft de op 4 december 2025 geplande mondelinge behandeling geen doorgang gevonden.

Feiten

  • Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2011 in [plaats] .
  • Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
  • [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2011 in [geboorteplaats] ,
  • [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2015 in [geboorteplaats] .
  • De ouders oefenen het gezamenlijk gezag uit over de kinderen.
  • Deze rechtbank heeft op 23 december 2024 voorlopige voorzieningen getroffen, voor zover van belang, inhoudende dat:
  • de vrouw per 1 februari 2025 bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] in [plaats] en dat de man die woning moet verlaten en niet verder mag betreden,
  • de minderjarigen aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;
  • de man voorlopig gerechtigd is om [minderjarige 1] bij zich te hebben: om het weekend van zaterdagochtend 10:00 uur tot zondagavond 20:00 uur;
  • de man aan de vrouw met ingang van 1 februari 2025 of zoveel eerder als partijen niet meer samenwonen, voorlopig een kinderalimentatie zal betalen ten behoeve van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] van € 25,- per kind per maand;
  • de man aan de vrouw met ingang van 1 februari 2025 of zoveel eerder als partijen niet meer samenwonen, voorlopig een partneralimentatie van € 25,- per maand zal betalen.

Verzoek en verweer

Het verzoek van de vrouw, zoals dat na wijziging luidt, strekt tot echtscheiding met nevenvoorzieningen tot:
- aanhechting van het door de vrouw en de man ondertekende ouderschapsplan;
  • vaststelling van door de man aan de vrouw te betalen partneralimentatie van € 25,- per maand, met ingang van de datum van het verzoekschrift;
  • toedeling aan de vrouw van het huurrecht van de echtelijke woning;
  • vaststelling van de verdeling van de huwelijksgemeenschap, conform het voorstel van de vrouw;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De man heeft zich gerefereerd aan de verzoeken tot echtscheiding, partneralimentatie en verdeling van de huwelijksgemeenschap. Daarnaast verzoekt hij zelfstandig om de echtscheiding tussen de ouders uit te spreken.

Beoordeling

Aan de wettelijke formaliteiten is voldaan.
Echtscheiding
De vrouw en de man hebben beiden gesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, zodat het verzoek tot echtscheiding als op de wet gegrond kan worden toegewezen
Opname ouderschapsplan
Partijen zijn in loop van de procedure tot overeenstemming gekomen ten aanzien van de kinderen en hebben beiden verzocht om het ouderschapsplan in de beschikking op te nemen. De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen.
Partneralimentatie
De vrouw verzoekt een partneralimentatie van € 25,- per maand. De man heeft ingestemd met het verzoek van de vrouw. De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen en een partneralimentatie vaststellen van € 25,- per maand. Op grond van artikel 1:157 lid 6 BW Pro zal als ingangsdatum de datum van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking worden gehanteerd.
Huurrecht echtelijke woning
De vrouw verzoekt het huurrecht van de echtelijke woning aan haar toe te kennen. Zij vindt het belangrijk dat de kinderen in de woning kunnen blijven wonen. De man heeft ingestemd met het verzoek van de vrouw. De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen, en het verzoek van de vrouw toewijzen.
Verdeling van de huwelijksgemeenschap
Partijen zijn getrouwd op [datum] 2011 in [plaats] . Nu partijen geen huwelijkse voorwaarden hebben gemaakt, moet worden aangenomen dat tussen hen een wettelijke algehele gemeenschap van goederen bestaat. Hierbij geldt als uitgangspunt dat de ontbonden huwelijksgemeenschap bij helfte wordt verdeeld, nu het huwelijk is gesloten voor 1 januari 2018 (artikel 1:100 BW Pro).
Peildatum
Voor het vaststellen van de omvang van de ontbonden huwelijksgoederengemeenschap geldt de datum van indiening van het verzoekschrift bij de rechtbank, te weten 15 november 2024. Als peildatum voor de waardering van de te verdelen goederen geldt de datum van verdeling, tenzij de vader en de moeder anders zijn overeenkomen of op basis van de redelijkheid en billijkheid daarvan moet worden afgeweken.
Omvang
De vrouw stelt dat de huwelijksgemeenschap slechts de inboedel, persoonlijke bezittingen en schulden bevat. Zij verzoekt daarom te bepalen dat de persoonlijke bezittingen van de ouders aan henzelf worden toegewezen en dat de spullen van de kinderen bij de vrouw blijven, alsmede de inboedel van de echtelijke woning en de spullen van opa (mz). Aan de man zal zijn computer worden toegedeeld. De man heeft ingestemd met het verzoek van de vrouw.
De rechtbank zal de inboedel toedelen aan de vrouw, de computer aan de man en aan ieder zijn/haar persoonlijke spullen. De persoonlijke spullen van de kinderen en opa (mz) vallen niet in de huwelijksgemeenschap en lenen zich daarom niet voor opname in het dictum. De rechtbank gaat ervan uit dat partijen zich aan de hierover bereikte overeenstemming zullen houden.
SchuldenVolgens de vrouw zijn er diverse huwelijkse schulden – zoals volgt uit de overgelegde productie 7 – die de ouders, onder andere voor de kinderen, samen hebben gemaakt. De vrouw verzoekt daarom om te bepalen dat de ouders in hun interne verhouding voor de helft draagplichtig zijn. De man kan zich verenigen met het verzoek van de vrouw. De rechtbank overweegt dat nu de man en de vrouw het erover eens zijn, zij zal vastleggen dat in hun onderlinge verhouding de vrouw en de man ieder de helft van de schulden voor zijn/haar rekening dienen te nemen.

Beslissing

De rechtbank:
*
spreekt de echtscheiding uit tussen de vrouw en de man, gehuwd op [datum] 2011 in [plaats] ;
*
neemt op de door partijen getroffen onderlinge regelingen, zoals neergelegd in het (in kopie) aan deze beschikking gehechte ouderschapsplan;
*
bepaalt dat de man aan de vrouw, met ingang van de dag dat de beschikking van echtscheiding is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, een partneralimentatie van € 25,- per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
*
bepaalt dat de vrouw met uitsluiting van de man huurder zal zijn van de woning aan de [adres] in [plaats] , met ingang van de dag waarop de beschikking tot echtscheiding is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand;
*
stelt de verdeling van de algehele gemeenschap van goederen als volgt vast, onder de voorwaarde van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand:
  • aan de vrouw wordt toegedeeld: de inboedel en haar persoonlijke spullen;
  • aan de man wordt toegedeeld: de computer en zijn persoonlijke spullen;
  • bepaalt dat in de onderlinge verhouding tussen partijen elk van hen de helft van de schulden voor zijn/haar rekening dient te nemen;
*
verklaart deze beschikking – met uitzondering van het uitspreken van de echtscheiding – tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, (kinder)rechter, bijgestaan door mr. A.I. Knops als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 27 maart 2026.