Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Libische nationaliteit, werd op 28 april 2026 de maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 59b, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel was gericht op het vaststellen van zijn identiteit en nationaliteit en het verkrijgen van gegevens voor de beoordeling van zijn asielaanvraag.
Eiser heeft tegen dit besluit beroep ingesteld, dat tevens als verzoek om schadevergoeding werd aangemerkt. Tijdens de zitting op 6 mei 2026 te Breda heeft de rechtbank vastgesteld dat eiser de aan de maatregel ten grondslag gelegde gronden niet heeft betwist. De rechtbank oordeelde dat de zware en lichte gronden feitelijk juist en voldoende toegelicht waren en dat deze gronden de maatregel konden dragen.
De ambtshalve toetsing door de rechtbank leidde niet tot het oordeel dat de maatregel onrechtmatig was. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.