ECLI:NL:RBDHA:2026:10550

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
4 mei 2026
Publicatiedatum
4 mei 2026
Zaaknummer
NL26.20080
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag

Eisers hebben op 10 april 2026 een tweede beroep ingediend tegen het niet tijdig beslissen op hun asielaanvraag van 13 juni 2025. De rechtbank had eerder op 21 april 2026 het eerste beroep gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen zestien weken een besluit te nemen.

De rechtbank beoordeelt ambtshalve of eisers procesbelang hebben bij dit tweede beroep. Gezien het feit dat het eerste beroep nog loopt en hetzelfde doel dient, oordeelt de rechtbank dat eisers geen belang hebben bij een tweede beoordeling.

Daarom verklaart de rechtbank het tweede beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter A.G.D. Overmars en griffier A.W. Landman, en zonder zitting uitgesproken.

Uitkomst: Het tweede beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.20080

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam],

V-nummer: [nummer]
mede namens de minderjarigen:

[naam],V-nummer: [nummer],

[naam],V-nummer: [nummer],

[naam],V-nummer: [nummer],

gezamenlijk: eisers
(gemachtigde: mr. M.R. Verdoner),
en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eisers op 10 april 2026 hebben ingediend,
omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van 13 juni 2025.
1.1
De rechtbank doet uitspraak zonder zitting. [1]

Beoordeling door de rechtbank

2. Eisers hebben op 29 maart 2026 het eerste beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag ingediend. [2] Op 21 april 2026 heeft deze rechtbank en zittingsplaats uitspraak het beroep van eiser gegrond verklaard en daarbij de minister opgedragen binnen zestien weken een besluit op de aanvraag bekend te maken.
3. Op 10 april 2026 hebben eisers nogmaals een beroep tegen het niet tijdig beslissen op dezelfde asielaanvraag ingediend. Deze uitspraak gaat over dat beroep.
4. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eisers procesbelang hebben bij
een beoordeling van hun tweede beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang. Ten tijde van het instellen van dit beroep liep er immers nog een eerste beroep wegens het niet tijdig beslissen op de aanvraag 13 juni 2025. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient, hebben eisers geen belang met hun tweede beroep.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van A.W. Landman, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.NL26.17389.