Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
hij op of omstreeks 8 december 2024 te Voorburg een voertuig, te weten een auto ( [kenteken] ), heeft bestuurd of als bestuurder heeft doen besturen, na gebruik van een of meer in artikel 2, van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer, aangewezen stoffen als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994, te weten alcohol en/of cannabis (THC), terwijl ingevolge een onderzoek in de zin van artikel 8 van Pro genoemde Wet, het gehalte in zijn bloed bij iedere aangewezen stoffen vermelde meetbare stoffen 580 ug/l alcohol en 3,9 microgram THC per liter bloed bedroeg, in elk geval (telkens) zijnde hoger dan de in artikel 3 van Pro het genoemd Besluit, bij die stoffen afzonderlijk vermelde grenswaarde;
hij op of omstreeks 8 december 2024 te Voorburg als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een personenauto (met [kenteken] ), daarmede rijdende over de weg N14 zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door roekeloos, in elk geval zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend:
- heeft gereden onder invloed van alcohol en/of drugs en/of;
- met een te hoge snelheid (209 km/h), althans met een voor de verkeerssituatie ter plaatse (70 km/h) te hoge snelheid heeft gereden; en/of zijn auto niet op tijd tot stilstand kunnen brengen op een kruising voor het rode stoplicht en/of;
- (vervolgens) de controle over zijn voertuig is verloren en/of in de slip is geraakt, althans zijn personenauto niet op de voor hem bestemde weghelft heeft kunnen houden; en/of
- (vervolgens) tegen een personenauto, bestuurd door [slachtoffer] , is gebotst.
- Een of meerdere klaplongen en/of;
- Een of meerdere botbreuken in het lichaam en/of;
- Een kneuzing van het hart;
of zodanig lichamelijk letsel werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan.
3.De bewijsbeslissing
De rechtbank stelt vast dat de verdachte meerdere voor de verkeersveiligheid essentiële verkeersregels heeft geschonden. De verdachte heeft immers gedurende langere tijd met zeer hoge snelheden ver boven de geldende maximumsnelheid gereden, kort vóór het ongeval een snelheid van ongeveer 209 kilometer per uur bereikt terwijl blijkens de matrixborden een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur gold, een met verkeerslichten geregelde kruising direct na het uitrijden van de Sijtwendetunnel met deze snelheid genaderd en daarbij een voertuig bestuurd terwijl hij verkeerde onder invloed van alcohol en cannabis. De rechtbank is gelet hierop van oordeel dat de verdachte deze verkeersregels in ernstige mate heeft geschonden.
hij op 8 december 2024 te Voorburg een voertuig, te weten een auto ( [kenteken] ), heeft bestuurd, na gebruik van in artikel 2, van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer, aangewezen stoffen als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wegenverkeerswet 1994, te weten alcohol en cannabis (THC), terwijl ingevolge een onderzoek in de zin van artikel 8 van Pro genoemde Wet, het gehalte in zijn bloed bij iedere aangewezen stoffen vermelde meetbare stoffen 580 ug/l alcohol en 3,9 microgram THC per liter bloed bedroeg, telkens zijnde hoger dan de in artikel 3 van Pro het genoemd Besluit, bij die stoffen afzonderlijk vermelde grenswaarde;
hij op 8 december 2024 te Voorburg als verkeersdeelnemer, namelijk als bestuurder van een personenauto (met [kenteken] ), daarmede rijdende over de weg N14 zich zodanig heeft gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval heeft plaatsgevonden door
dat hijroekeloos:
- heeft gereden onder invloed van alcohol en drugs en;
- met een te hoge snelheid (209 km/h), althans met een voor de verkeerssituatie ter plaatse te hoge snelheid heeft gereden; en zijn auto niet op tijd tot stilstand kunnen brengen op een kruising en;
- vervolgens de controle over zijn voertuig is verloren en in de slip is geraakt; en
- vervolgens tegen een personenauto, bestuurd door [slachtoffer] , is gebotst.
- meerdere klaplongen en;
- meerdere botbreuken in het lichaam en;
- een kneuzing van het hart;
werd toegebracht, dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden is ontstaan
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
36 (ZESENDERTIG) MAANDEN;
12 (TWAALF) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
5 (VIJF) JAREN;