Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:10255

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
29 april 2026
Publicatiedatum
30 april 2026
Zaaknummer
700950
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • H.F.R. van Heemstra
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2.20 lid 2 sub b BVIEArt. 2.20 lid 2 sub c BVIEArt. 4.6 lid 1 BVIEArt. 20 RvArt. 1019h Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing incident tot aanhouding in merkinbreukzaak tussen ANWB Retail en Canada Goose

ANWB Retail vordert in een merkinbreukprocedure tegen Canada Goose c.s. een verklaring voor recht, inbreukverbod, recall, opgavebevel en dwangsommen wegens het gebruik van het teken HUMANATURE dat volgens ANWB Retail inbreuk maakt op haar merken. Canada Goose c.s. verzoekt in een incident tot aanhouding van de procedure totdat de geldigheid van de ANWB-merken is beslist in lopende doorhalingsprocedures bij het BBIE.

De rechtbank oordeelt dat het Benelux-verdrag inzake intellectuele eigendom (BVIE) geen schorsingsmogelijkheid biedt bij lopende nietigheidsprocedures en ziet geen proceseconomische redenen voor aanhouding. Bovendien weegt het belang van een spoedige procedure en het voorkomen van onredelijke vertraging zwaar.

Daarom wijst de rechtbank het incident tot aanhouding af. De hoofdzaak wordt verwezen naar een rol over twee weken voor het nemen van een akte overlegging producties door ANWB Retail. Verdere beslissingen worden aangehouden. De beslissing omtrent de kosten van het incident blijft open.

Uitkomst: De rechtbank wijst het incident tot aanhouding af en verwijst de hoofdzaak naar een latere rol voor verdere behandeling.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team handel
zaak- / rolnummer: C/09/700950 / HA ZA 26-238
Vonnis van 29 april 2026
in de zaak van
ANWB RETAIL B.V.te Den Haag,
eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident tot aanhouding,
advocaat: mr. P. de Leeuwe,
tegen
1. de rechtspersoon naar buitenlands recht
CANADA GOOSE INCte Toronto, Canada,
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht
CANADA GOOSE AGte Zug, Zwitserland,
3.
CANADA GOOSE EU B.V.te Amsterdam,
4.
CANADA GOOSE NETHERLANDS RETAIL B.V.te Amsterdam,
gedaagden in de hoofdzaak, eiseressen in het incident tot aanhouding,
advocaat: mr. S.C. Brinkhuis.
Eiseres in de hoofdzaak wordt hierna ANWB Retail genoemd. Gedaagden in de hoofdzaak worden hierna samen Canada Goose c.s. genoemd en afzonderlijk Canada Goose Inc, Canada Goose AG, Canada Goose EU en Canada Goose Netherlands.

1.De procedure

1.1.
Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:
- de dagvaarding van 27 oktober 2025;
- de incidentele conclusie tot aanhouding van 18 maart 2026 van Canada Goose c.s. met productie GP01;
- de conclusie van antwoord in het incident tot aanhouding, tevens houdende (voorwaardelijke) eisvermeerdering van 1 april 2026 van ANWB Retail met producties EP01 tot en met EP03.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De vorderingen in de hoofdzaak

2.1.
ANWB Retail maakt deel uit van de ANWB-groep en is de vennootschap die zich bezighoudt met alle retail activiteiten van ANWB, waaronder verkoop van kleding en schoenen.
2.2.
Canada Goose c.s. houdt zich wereldwijd bezig met productie en verkoop van outdoor kleding, waaronder in Nederland. Canada Goose Inc is de Canadese operationele vennootschap van het concern, Canada Goose AG is de in Zwitserland gevestigde vennootschap die onder meer verantwoordelijk is voor de exploitatie van de webshop www.canadagoose.com. Canada Goose EU is een in Nederland gevestigde vennootschap die verantwoordelijk is voor de import en groothandel in, en de marketing en distributie van kleding binnen de Europese Unie. Canada Goose Netherlands is eveneens een in Nederland gevestigde vennootschap en is (mede)verantwoordelijk voor de distributie en verkoop van de producten in Nederland.
2.3.
ANWB Retail is houdster van onder meer de volgende merkregistraties (hierna: de ANWB-merken):
  • het op 1 augustus 1997 onder nummer 600406 ingeschreven Benelux woordmerk HUMAN NATURE voor onder meer kleding in klasse 25;
  • het op 1 augustus 1997 onder nummer 607054 ingeschreven Benelux beeldmerk
  • het op 30 juni 2015 onder nummer 973778 ingeschreven Benelux beeldmerk
2.4.
Canada Goose c.s. is houdster van onder meer de volgende merkregistraties (hierna: de CG-merken):
  • het op 22 mei 2020 onder nummer 018188147 ingeschreven Uniewoordmerk HumaNature voor kleding in klasse 25 en adverteren op het gebied van kleding in klasse 35;
  • het op 5 oktober 2022 onder nummer 1704387 ingeschreven internationale woordmerk HUMANATURE voor waren in klasse 9 en diensten in klassen 35, 41 en 42.
2.5.
ANWB Retail heeft geconstateerd dat Canada Goose c.s. het teken HUMANATURE heeft gebruikt op haar website www.canadagoose.com/nl voor het aanprijzen van kleding. Daarnaast heeft ANWB Retail geconstateerd dat Canada Goose c.s. het teken HUMAN NATURE heeft gebruikt op labels van kleding die in Nederland wordt geleverd.
2.6.
Bij brief van 8 april 2025 heeft ANWB Retail Canada Goose c.s. gesommeerd de inbreuk op de ANWB-merken te staken, waarna partijen met elkaar in overleg zijn getreden. Canada Goose c.s. heeft laten weten dat zij het gebruik van het teken HUMANATURE op enig moment in de toekomst zal uitfaseren.
2.7.
Op 16 maart 2026 heeft Canada Goose c.s. bij het BBIE [1] doorhalingsverzoeken ten aanzien van alle drie de ANWB-merken ingediend.
2.8.
In de hoofdzaak vordert ANWB Retail samengevat weergegeven, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. een verklaring voor recht dat Canada Goose c.s. met het gebruik van het teken HUMANATURE inbreuk heeft gemaakt op de ANWB-merken;
II. een inbreukverbod op de ANWB-merken;
III. een recall;
IV. een aan Canada Goose c.s. op te leggen bevel om haar wederverkopers die haar producten verkopen in de Benelux aan te schrijven met het verzoek om (i) de resterende voorraad inbreukmakende producten terug te sturen, (ii) de verhandeling van de inbreukmakende producten te staken, en om gelijktijdig een kopie van deze verzoeken aan de advocaat van ANWB Retail te zenden;
V. een opgavebevel;
VI. een dwangsom van € 10.000,- per dag of € 100,- per overtreding, zulks ter keuze van ANWB Retail, dat Canada Goose c.s. in gebreke blijft te voldoen aan de onder II tot en met VI genoemde bevelen;
VII. winstafdracht of schadevergoeding, nader op te maken bij staat;
VIII. een proceskostenveroordeling op grond van artikel 1019h Rv [2] , te vermeerderen met de wettelijke rente.
2.9.
ANWB Retail legt aan haar vorderingen – zakelijk weergegeven en voor zover hier van belang – ten grondslag dat Canada Goose c.s. inbreuk maakt op de ANWB-merken in de zin van artikel 2.20 lid 2 sub b en/of sub c BVIE [3] , doordat zij kleding aanbiedt met gebruik van de in 2.5 genoemde tekens. Met betrekking tot de sub b grond stelt ANWB Retail zich op het standpunt dat er door dit gebruik verwarringsgevaar ontstaat bij het publiek. Voor wat betreft de sub c grond stelt ANWB Retail zich op het standpunt dat de ANWB-merken bekende merken zijn en dat Canada Goose c.s. zonder geldige reden voordeel trekt uit de reputatie en het onderscheidend vermogen van de ANWB-merken.
2.10.
Canada Goose c.s. heeft tot op heden geen verweer gevoerd in de hoofdzaak.

3.De vorderingen in het incident

3.1.
Canada Goose c.s. vordert in het incident dat de rechtbank:
I. de procedure in de hoofdzaak aanhoudt totdat over de geldigheid van de ANWB-merken is beslist in de bij het BBIE aanhangige doorhalingsprocedures;
II. Canada Goose c.s. veroordeelt in de kosten van het incident op grond van 1019h Rv, althans de kosten van het incident te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
3.2.
Canada Goose c.s. legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Er zijn doorhalingsprocedures aanhangig bij het BBIE met betrekking tot de ANWB-merken. Voortprocederen in de onderhavige procedure kan leiden tot inefficiënte procesvoering, onnodige proceskosten en het risico op tegenstrijdige beslissingen. Uit een oogpunt van goede procesorde en proceseconomie dient de onderhavige procedure te worden aangehouden totdat in de doorhalingsprocedures is beslist.
3.3.
ANWB Retail voert verweer dat strekt tot afwijzing van de incidentele vordering tot aanhouding. Indien de incidentele vordering tot aanhouding wordt toegewezen, stelt ANWB Retail een eisvermeerdering in, die inhoudt dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
I. Canada Goose c.s. voor de duur van deze procedure beveelt om het gebruik van het teken HUMANATURE zoals beschreven in de dagvaarding (en een teken dat daarvan minimaal afwijkt) binnen een termijn van 14 dagen na het vonnis in het incident te staken en gestaakt te houden, zulks op straffe van een onmiddellijke opeisbare dwangsom van € 10.000,- per dag of € 1.000,- per overtreding, zulks ter keuze van ANWB Retail en onverminderd het recht op een schadevergoeding;
II. Canada Goose c.s. veroordeelt in de volledige proceskosten van het incident.
3.4.
Indien de aanhouding en de incidentele vordering worden afgewezen, verzoekt ANWB Retail de rechtbank de mogelijkheid van tussentijds appel open te stellen. Nu het verweer van ANWB Retail strekt tot afwijzing van aanhouding van de procedure, begrijpt de rechtbank dat dit een kennelijke verschrijving is en dat ANWB Retail heeft bedoeld de mogelijkheid van tussentijds appel open te stellen indien de vordering tot aanhouding wordt toegewezen.
3.5.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling in de incidenten

Bevoegdheid
4.1.
ANWB Retail grondt haar vorderingen op de ANWB-merken. De rechtbank is op grond van artikel 4.6 lid 1 BVIE bevoegd om van de vorderingen kennis te nemen, omdat de gestelde merkinbreuk mede plaatsvindt via een ook in het arrondissement Den Haag te raadplegen website, zodat Den Haag mede kan worden aangemerkt als de plaats waar de in het geding zijnde verbintenis is ontstaan, als bedoeld in artikel 4.6 lid 1 BVIE.
Het incident tot aanhouding
4.2.
De rechtbank stelt voorop dat het BVIE – anders dan de Uniemerkenverordening (artikel 132 UMVo Pro [4] ) – geen wettelijke bepaling bevat op basis waarvan een bij de rechtbank aanhangige procedure geschorst of aangehouden dient te worden op het moment dat er reeds nietigheidsprocedures ten aanzien van een merk zijn gestart.
4.3.
De rechtbank ziet evenmin reden om de procedure aan te houden vanwege proceseconomische redenen. Van proceseconomische voordelen om de procedure aan te houden is niet gebleken. Bovendien dient de rechtbank op grond van artikel 20 Rv Pro te waken tegen onredelijke vertraging van de procedure. Zoals ANWB Retail terecht heeft aangevoerd kan het jaren duren tot het BBIE een onherroepelijke uitspraak heeft gedaan over de geldigheid van de ANWB-merken, zodat het toewijzen van de vordering tot aanhouding tot een onredelijke vertraging van deze procedure kan leiden. De slotsom is dat de incidentele vordering tot aanhouding zal worden afgewezen.

5.De beoordeling in de hoofdzaak

5.1.
De hoofdzaak zal worden verwezen naar de rol over twee weken voor het nemen van een akte overlegging producties bij dagvaarding aan de zijde van ANWB Retail.
5.2.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

6.De beslissing

De rechtbank
in het incident
6.1.
wijst de vordering van Canada Goose c.s. af;
6.2.
houdt de beslissing omtrent de kosten van het incident tot aanhouding aan;
in de hoofdzaak
6.3.
verwijst de zaak naar de rol van 13 mei 2026 voor het nemen van een akte overlegging producties bij dagvaarding aan de zijde van ANWB Retail.
6.4.
houdt iedere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door H.F.R. van Heemstra, rechter, bijgestaan door mr. R.W.J. Slits, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 april 2026.

Voetnoten

1.Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom.
2.Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
3.Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen).
4.Verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake het Uniemerk.