Eiseres, een stichting, heeft namens een ex-werkneemster een verzoek tot herbeoordeling van het recht op een WIA-uitkering ingediend bij het UWV op 28 mei 2025. Omdat het UWV niet binnen de wettelijke beslistermijn van negen weken heeft beslist, heeft eiseres op 13 februari 2026 beroep ingesteld wegens het uitblijven van een beslissing.
De rechtbank stelt vast dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en ondanks ingebrekestelling niet heeft beslist. Het UWV heeft als reden het tekort aan verzekeringsartsen opgegeven, waardoor de medische beoordeling nog niet heeft kunnen plaatsvinden. De rechtbank erkent dit als een bijzonder geval, maar stelt dat het UWV alsnog binnen negen weken na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen.
De rechtbank legt het UWV een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat de beslissing uitblijft. Tevens wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De uitspraak is gedaan zonder zitting en de rechtbank verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin soortgelijke termijnen en omstandigheden zijn vastgesteld.