Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De gronden van de beslissing
Appartementsrechten
Rechtbank Den Haag
Ranko B.V. verhuurt een bedrijfsruimte aan [gedaagde], die een horecagelegenheid exploiteert. Boven het gehuurde is een woning en een extra bouwlaag met twee woonruimtes gerealiseerd na instemming van alle appartementseigenaren en wijziging van de splitsingsakte. Voor de opbouw is funderingsversterking noodzakelijk, waarvoor Ranko als verhuurder en mede-eigenaar de huurder tot medewerking aan de werkzaamheden wil verplichten.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de huurder op grond van artikel 5:120 lid 2 BW Pro en de huurovereenkomst gebonden is aan het reglement van de VvE en verplicht is medewerking te verlenen aan de funderingswerkzaamheden. De werkzaamheden zijn vergund, vinden plaats op aanvaardbare tijden en worden zo min mogelijk belastend uitgevoerd. De huurder heeft recht op vergoeding van schade die voortvloeit uit de werkzaamheden.
De voorzieningenrechter veroordeelt de huurder om binnen zeven dagen na betekening de werkzaamheden te gedogen en medewerking te verlenen, onder oplegging van een dwangsom van € 500 per dag met een maximum van € 20.000 bij niet-nakoming. Tevens wordt de huurder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot medewerking aan funderingswerkzaamheden met oplegging van een dwangsom en proceskostenveroordeling.