ECLI:NL:RBDHA:2025:8455
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid seksuele gerichtheid en onvoldoende onderbouwing beperkingen
Eiseres, een vrouw van Senegalese nationaliteit, diende een eerste asielaanvraag in november 2024 in, die werd afgewezen als kennelijk ongegrond omdat Senegal als veilig land werd beschouwd. Haar beroep werd door de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigd. In april 2025 diende zij een opvolgende asielaanvraag in, die eveneens werd afgewezen. De rechtbank behandelde het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening op 8 mei 2025.
Eiseres stelde dat zij Senegal had verlaten vanwege haar lesbische geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen, waaronder de arrestatie van haar (ex-)vriendin in Senegal. De minister achtte haar identiteit geloofwaardig, maar niet haar seksuele gerichtheid en de daaropvolgende problemen, en concludeerde dat zij geen vluchteling was en geen reëel risico liep.
Eiseres voerde aan dat de minister een medisch onderzoek had moeten aanbieden vanwege haar cognitieve en communicatieve beperkingen, maar de rechtbank oordeelde dat de minister terecht geen aanleiding zag voor medisch onderzoek. De rechtbank stelde vast dat eiseres tijdens het gehoor begrijpelijke antwoorden gaf en dat haar beperkingen onvoldoende waren onderbouwd.
Verder stelde eiseres dat de minister onvoldoende rekening had gehouden met haar referentiekader, waaronder haar analfabetisme, sociale isolement en culturele achtergrond. De rechtbank vond dat de minister dit wel degelijk had gedaan en dat de minister de ongeloofwaardigheid van haar relaas voldoende had gemotiveerd, mede gezien de inconsistenties en het gebrek aan toelichting over haar relatie en de problemen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de asielaanvraag af. Eiseres kreeg geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter A. Sibma en griffier J.A. Hessels.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende onderbouwing.