ECLI:NL:RBDHA:2025:8107
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens besluit- en vertrekmoratorium op asielaanvraag Syriër
Eiser, een Syriër, diende op 5 oktober 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie moest binnen zes maanden beslissen, maar verlengde deze termijn met negen maanden op grond van het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium (WBV 2023/34).
Eiser stelde de minister op 10 februari 2025 in gebreke vanwege het uitblijven van een besluit en stelde daarop beroep in tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelde dat sinds 11 december 2024 een besluit- en vertrekmoratorium van kracht is voor Syriërs, waardoor de beslistermijn verlengd is tot maximaal 21 maanden.
De ingebrekestelling van eiser was daarom te vroeg en niet rechtsgeldig. Hierdoor voldeed het beroep niet aan de vereisten en werd het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het geldende besluit- en vertrekmoratorium.