ECLI:NL:RBDHA:2025:7954
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen maatregel inhouding verstrekkingen na verstoring hulpverlening opvanglocatie
Eiser maakte bezwaar tegen een besluit van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) waarbij een maatregel werd opgelegd: een inhouding van € 14,47 per week gedurende twee weken op zijn verstrekkingen. De maatregel volgde op een incident op 16 augustus 2024, waarbij eiser zich provocerend en opdringerig opstelde tijdens een hulpverleningsactie op de opvanglocatie in Luttelgeest en aanwijzingen van Trigion-medewerkers niet opvolgde.
Eiser stelde dat het besluit niet zorgvuldig was genomen, onder meer omdat hij niet gehoord was, getuigen niet waren gehoord en hij audio-opnames had die als bewijs konden dienen. Ook voerde hij aan dat de maatregel disproportioneel was en dat het COA niet bevoegd was om dergelijke sancties op te leggen.
De rechtbank oordeelde dat het COA het besluit op goede gronden en voldoende gemotiveerd had genomen. De verklaringen van de Trigion-medewerkers waren betrouwbaar en eiser had niet onderbouwd wie als getuige op had kunnen treden. De opnames waren zonder toestemming gemaakt en in strijd met de huisregels. De opgelegde maatregel was proportioneel gezien de middelgrote impact van het incident en de noodzaak om hulpverleners te beschermen.
Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter E.K.S. Mollen op 15 april 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van het COA is ongegrond verklaard en de inhouding op verstrekkingen blijft gehandhaafd.