ECLI:NL:RBDHA:2025:7940
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid vervoerder voor valpassagier door noodremming tram
Op 8 december 2023 is verzoekster in een tram van HTM gevallen nadat de trambestuurder plotseling moest remmen vanwege een onverwachte verkeerssituatie waarbij een auto zonder richting aan te geven de trambaan naderde. Verzoekster liep letsel op en stelde HTM aansprakelijk voor de schade.
HTM voerde vervoerdersovermacht aan op grond van artikel 8:105 lid 2 BW Pro en stelde dat de noodremming noodzakelijk was om een aanrijding te voorkomen. Daarnaast stelde HTM subsidiair dat verzoekster eigen schuld had omdat zij liep zonder zich vast te houden.
De rechtbank oordeelde dat de remming terecht was gezien de situatie en de lange remweg van de tram, en dat HTM de gevolgen niet kon voorkomen. Ook was er geen gelegenheid om passagiers vooraf te waarschuwen. De camerabeelden toonden geen sterke schok en verzoekster liep zonder zich vast te houden. Daarom is HTM niet aansprakelijk voor de schade.
De rechtbank wees het verzoek af en begrootte de kosten van de deelgeschilprocedure op €4.765, welke niet aan HTM worden opgelegd. Verzoekster blijft met haar schade zitten ondanks de vervelende gevolgen van haar val.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek af en oordeelt dat HTM niet aansprakelijk is wegens vervoerdersovermacht.