ECLI:NL:RBDHA:2025:6727
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsdocument duurzaam verblijf burgers van de Unie wegens ontbreken rechtmatig verblijf
Eiseres, een Bulgaarse burger, diende op 23 juni 2023 een aanvraag in voor een verblijfsdocument 'Duurzaam verblijf burgers van de Unie'. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiseres niet kon aantonen dat zij gedurende vijf jaar onafgebroken rechtmatig in Nederland verbleef en over voldoende middelen van bestaan beschikte.
De rechtbank bevestigt dat het rechtmatig verblijf van eiseres als burger van de Unie op 22 juni 2021 is beëindigd en dat dit besluit in rechte vaststaat. Hierdoor kon eiseres niet voldoen aan de vereiste periode van vijf jaar onafgebroken verblijf vanaf 23 juni 2018 tot 23 juni 2023. Tevens ontbrak het aan het middelenvereiste, aangezien eiseres vanaf 19 juli 2018 tot 1 maart 2023 een uitkering ontving op basis van de Participatiewet.
Verder oordeelt de rechtbank dat verweerder terecht heeft afgezien van het horen van eiseres, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was en het horen geen ander resultaat had kunnen opleveren. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een verblijfsdocument duurzaam verblijf burgers van de Unie wordt ongegrond verklaard.