ECLI:NL:RBDHA:2025:66
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit compensatie toeslagenjaar 2005 en toekenning immateriële schadevergoeding
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de hoogte van de compensatie voor het jaar 2005 en de weigering van compensatie voor 2006 in het kader van de toeslagenaffaire. De Dienst Toeslagen had compensatie toegekend voor 2005, 2007 en 2008, maar afgewezen voor 2006. De rechtbank heeft het beroep behandeld en de procedure geschorst voor nader onderzoek naar een mogelijke herberekening voor 2005.
De rechtbank oordeelt dat eiseres recht heeft op een aanvullende compensatie van €118 voor 2005, waarmee het bestreden besluit voor dat jaar wordt vernietigd. Voor 2006 wordt het beroep afgewezen omdat geen terugvordering of stopzetting van toeslag heeft plaatsgevonden, en dus geen schade in de zin van de Wet hersteloperatie.
Verder kent de rechtbank een immateriële schadevergoeding van €500 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn met vijf maanden. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beginsel van equality of arms en de verplichting tot overlegging van stukken zijn niet geschonden volgens de rechtbank.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit over de compensatie voor 2005 en kent een aanvullende vergoeding toe; het beroep over 2006 wordt afgewezen en een immateriële schadevergoeding wordt toegekend.